- Het werk van onze Orde, ook in verband met andere groepen en andere Orden
- Discussie
- Het Schone Woord
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
1
HET WERK VAN ONZE ORDE,
OOK IN VERBAND MET ANDERE GROEPEN
EN ANDERE ORDEN
Hilversum, 4 september 1967
Goedenavond vrienden,
U weet het allemaal; onfeilbaar zijn we natuurlijk nooit, maar van dit onderwerp weten we wel
iets af.
Als ik u daar een inzicht in wil geven, dan moet ik beginnen met een klein tikje historie. Een
hele tijd geleden toen homo sapiens op deze wereld nog een rariteit was - wat ie vanuit
geestelijk standpunt vaak nog is overigens! - waren er al verschillende grote beschavingen
(het is maar een naam) en in deze beschavingen kwam men al snel tot contact met wat je 'de
geest' noemt. Daaruit is voortgekomen een geloof in het hiernamaals, in een voortbestaan, dat
later toen dat volk al voor een groot deel weer zijn invloed verloren had - die beschavingen
bijna te gronde waren - bij de primitieve stammen is overgebleven als voorouderverering.
Hier zien we bij deze eerste groep eigenlijk al een ontwikkeling die we met een beetje wijde
blik kunnen beschouwen als het begin van de Orde; alleen was het toen natuurlijk helemaal
geen O.D.V. Maar er ontstond een splitsing tussen de mensen die materie en geest als geheel
gescheiden waarden gingen gebruiken én degenen die het voortdurend contact tussen stof en
geest, ook geestelijke wereld, in stand wilden houden. Daardoor ontstonden twee normen van
wijsheid. De eerste was er een van meer materiële geaardheid (en deze ontaarde in - wat men
later noemt - zwarte magie, sjamanisme e.d.). De andere groep die wat zeldzamer was, en
omdat ze niet zoveel aan de ping-ping en de buit dacht, veel minder invloed had op deze
wereld, bleef verder gaan met de geestelijke studies.
Daaruit kwamen entiteiten voort die na de overgang belangstelling voor de mensen op aarde
bleven behouden, en die een zekere visie hadden op de manier waarop een mens, als
totaliteit, het beste kan leven. Deze groepen versterkten zich langzaam aan en we kennen
daar weer twee richtingen. De ene richting is wat gewelddadig ingesteld, de andere is ingesteld
op alleen harmonie. Waar harmonie gewonnen kan worden, onverschillig hoe, is die harmonie
acceptabel, terwijl de andere groep een bepáálde vorm van harmonie wil. Onze voorvaderen
horen dan weer tot die groep, die deze harmonie overal wil.
Zo gaat de tijd verder, ik zal u niet vermoeien met de hele geschiedenis, want anders komen
we via Egypte, de Farao's, Griekenland e.d. tot deze tijd. Zo krijgen we een groep die zich ten
doel stelt om de mensen te leren: eerst als het ware elkaar te begrijpen. Dit begrip is
noodzakelijk voor een gezonde geestelijke samenwerking, een gezonde harmonie. In deze
groepering waarin we dan o.a. elementen vinden uit de hindoewereld, uit de filosofenwereld
van Griekenland, Alexandrië, Egypte, ligt eigenlijk de kern van wat later zich hier in uw
taalgebied "Orde der Verdraagzamen" noemt.
U zult begrijpen dat een dergelijke groep gebonden wordt door het doel. Ons doel is: te
beseffen en te doen beseffen dat alles zijn waarde heeft, dat alles zijn betekenis heeft. Wij
proberen en dat hebben we al héél lang geprobeerd op veel verschillende manieren, om de
mensen te doen inzien dat eigenlijk in alles het goddelijke terug te vinden is, het goede. En dat
het niet zo belangrijk is wat je nu voor titels en namen gebruikt, maar dat het er meer op aan
komt hoe je dat innerlijk erkende goed in de praktijk kunt omzetten, wat je er mee kunt doen.
Dat ging allemaal heel aardig en dat werd vaak gedaan via de mediums; dat waren toen
meestal profetessen, priesters e.d. In de middeleeuwen werd het vaak gedaan door
sensitieven, die ook een heel grote invloed konden uitoefenen. Jammer genoeg waren veel van
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
2
die sensitieven niet helemaal normaal op den duur. Vooral in de middeleeuwen hebben we te
worstelen gehad met het probleem, dat de meeste mediums ofwel geschuwd werden door de
gemeenschap (denk eens aan het idee van heksen) ofwel behoorde tot een klasse van beperkt
bewustzijn in stoffelijke zin: idioten en zo.
Om u een voorbeeld te geven: U weet allemaal wie Savonarola is: dat was een monnik, een
hervormer die wilde een heel somber leven in gaan voeren op grond van de godsdienst. De
goede man had ook een soort persoonlijke profeet, en die was een medium, maar jammer
genoeg was die jongen idioot. De mensen wisten geen onderscheid meer tussen wat hij
geïnspireerd zei en wat hij zo bazelde. Het resultaat is èn voor Savonarola èn voor zijn
volgelingen èn zelfs voor de geest die daarin werkte, niet al te prettig geweest.
Nu moeten we een paar stappen verder gaan. Er komt een eeuw van materialisme. Dat
betekent dat de gewone contacten met de mens direct en de directe beïnvloeding en
uitwisseling moeilijker wordt. Dat gaat praktisch van 1600 af. Er moet gezocht worden naar
nieuwe methoden. De mensen worden wat ontevreden met hun te eenzijdig, te rigide geloof
en zo wordt er van vele zijde een poging gedaan om niet alleen maar de materiële
inwijdingswegen open te houden, integendeel, die gooien ze zelfs dicht, maar om via de
fenomenen die men in het spiritisme vindt weer de mens te benaderen. De O.D.V. heeft zich
dan gegroepeerd en zij treedt in haar huidige vorm, maar onder veel verschillende namen (dat
wil ik u wel zeggen) op vanaf rond 1870 en heeft ook deel in de ontwikkeling van het
spiritisme. Maar het blijft allemaal bij een soort fenomenologie; daar hebben we geen interesse
voor.
In Nederland beginnen we - als ik me niet vergis - in 1912 te werken en we weten rond 1916
eindelijk een medium te vinden en een groepering, waarin we onze lering kunnen uitdragen die
(het was in Amsterdam, geloof ik, in ieder geval in een van de grote steden) een tijdje goed
loopt. Het medium wordt dan ongeschikt, de groep valt uit elkaar. Ergens anders stichtten we
weer een groep en voeren die weer op. We houden dezelfde naam bij en zo komen we via
verschillende mediums en verschillende groeperingen als het ware daarom heen, tot de
huidige vorm van de O.D.V.; Orde der Verdraagzamen, voor het Nederlands taalgebied, maar
bv. voor een bepaald deel van Amerika 'Fraternity of Light'. We hebben nog meer namen.
Wat doet deze groep? Zij bestaat uit een in verhouding tamelijk groot aantal entiteiten in de
geest, van zeer verschillend niveau, die allen proberen om harmonie en begrip op de wereld te
bevorderen. Zij kiezen daarvoor een weg die niet religieus is. Wij zijn niet antireligieus -
begrijp ons goed - maar wij willen ons losmaken van de vooropgezette principes van het
kerkelijk, het dogmatisch christendom, het dogmatisch boeddhisme, hindoeïsme enz. Daarom
beginnen wij een werk dat meer en meer het karakter krijgt van een soort geestelijke
volksuniversiteit (vergeef me de term). Nu zijn er een hele hoop groepen die het - in deze
benaderingswijze - niet met ons eens zijn. Dat moet u goed onthouden. Wanneer wij hier
komen babbelen (ik praat nu over onze eigen groep) en wij spreken bv. over de vierde
dimensie, dan zijn er een hele hoop groepen die zeggen: ach, wat moeten die mensen
daarmee? Daaraan hebben ze niets, leer ze hoe ze God kunnen vinden.
Goed, maar de moderne mens vindt God vaak via de raadselen die Zijn materiële en
technische wereld omgeven.
Of wij spreken bv. over de mogelijkheden van paranormale genezing. Dan zijn er andere
groepen die zeggen: ja, maar dat moet je doen uit een gezag. Daar moet je niet over praten,
dat moet je eenvoudig tot stand brengen via een medium. Wij zijn het daar dan weer niet
helemaal mee eens. Wij zeggen; ja, goed doen, maar vooral leren begrijpen! Op deze manier
zijn we dan gekomen bij die Orde van vandaag.
De Orde omvat op het ogenblik, als ik alles bij elkaar reken en dat is in de laatste tijd nogal
uitgebreid, 157 groepen. Nu moet u wel begrijpen dat het Nederlands taalgebied bv. omdat
daar één medium en één organisatie is, door ons als één groep wordt gerekend. Er zijn 157
verschillende besturen met mediums, geïnspireerde sprekers e.d. die direct vanuit de O.D.V.
worden geïnspireerd, worden geholpen. Die groepen zijn op dit moment hoofdzakelijk in twaalf
landen werkzaam, ofschoon enkele groepen ook weer verder zijn. Als we alle landen bij elkaar
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
3
rekenen waar we iets doen, dan zijn het er 47. Maar je houdt de haast niet bij; ze maken
tegenwoordig zoveel nieuwe staatjes. Dus het is nog maar een klein percentage.
Nu komt er ongeveer (en nu moet ik even denken in jullie tijd) in 1957 een ontwikkeling van
bepaalde kosmische omstandigheden die ons doen inzien dat het niet meer voldoende is alleen
op onze eigen manier te werken. De O.D.V. die zeer vriendschappelijke relaties heeft met een
hoop andere groepen en zeker ook met de praktisch overkoepelende organisatie van de Witte
Broederschap, besluit zich als het ware in te voegen in het werk van de Witte Broederschap.
Daardoor komen lichte veranderingen in ons werk die nu ongeveer twee, drie jaar direct
uitwerken. Het heeft ook een voordeel want spreken door een medium, inspiratief beïnvloeden,
het helpen van mensen, is natuurlijk niet voor iedere geest even gemakkelijk, maar in verband
met anderen gezamenlijk een poging doen om iets bij de mensen te bereiken, maakt het voor
een veel groter aantal geesten, mogelijk om actief te zijn.
Zo begint de Orde deel te hebben aan allerhand acties die ten doel hebben het verloop van
gebeurtenissen in landen te beïnvloeden, waarschuwingen te geven wanneer bepaalde
gebeurtenissen dreigen, rampen te beperken en al wat daarbij hoort. Gelijktijdig wordt onze
actie gericht op wereldvrede vanuit de Witte Broederschap. Op die manier kun je zeggen zijn
we praktisch vanaf 1959 werkzaam (ik hoop dat ik die jaren goed heb), waarbij we eerst
werken op de kroonjaren 1961/63 die erg gevaarlijk kunnen zijn voor de mensheid. (Medium
moet zich hier vergist hebben in de jaartallen).
Er wordt van onze kant steeds meer gewerkt in overeenstemming met de kosmische
invloeden, die voor een deel onder de Heren der Stralen vallen, en wij krijgen daardoor ook
steeds meer verplichtingen als het ware tegenover andere groepen. En omgekeerd zijn er een
hele hoop andere groeperingen die ook weer hun eigen naam en hun eigen denkbeelden
hebben, die ergens met ons samen gaan werken. Dat ontstaat niet alleen door het uitwisselen
van sprekers, maar vooral door een poging om overal, in elke groep binnen zijn eigen begrip
en mogelijkheden en in de tendens van die groep, bepaalde waarheden te brengen. Dat lukt
heel aardig.
De Orde zelf besluit op grond van alles wat er zich zo op de wereld ontwikkelt, om er een
voorlichtingsdienst op na te gaan houden, een soort geestelijke B.V.D., alleen dan niet zo......
nu ja, praten we niet over. Deze informatie wordt niet zo direct gegeven, maar we lichten de
mensen voor over wat er gebeurt in landen waarover ze te weinig voorlichting krijgen of
verkeerde voorlichting. Wij proberen hun duidelijk te maken dat het standpunt van een partij
die zij aanhangen, niet noodzakelijk het enig juiste standpunt is, zoals dat in de situatie Israël-
Arabië is geweest.
Wij proberen de mensen te doen begrijpen dat de tegenstellingen niet voortkomen uit de
noodzaak om elkaar te bestrijden, maar uit aller hand illusies en waanwijsheid. Zoals we de
mensen proberen duidelijk te maken dat grenzen uiteindelijk maar dingen zijn die mensen
over een landkaart trekken. Wij proberen te overkoepelen, te laten zien dat een goed
boeddhist vaak een veel beter christen is dan menigeen die zich nadrukkelijk christen noemt.
En omgekeerd proberen we te laten zien dat wat Jezus leert zeker niet alleen Zijn leer is, maar
dat we dat overal terug kunnen vinden omdat er één alles overkoepelende waarheid is.
Dan kom je aan de vraag; wat doen jullie? Nu, als ik een lijst moet gaan maken.... wanneer ik
jullie moet gaan vertellen wat we op het ogenblik doen, dat is een hele reeks, een hele rij.
Maar het is misschien aardig omdat het een toelichting geeft ten eerste voor wat de geest doet
op deze wereld zo nu en dan en in de tweede plaats ook voor de samenwerking die er bestaat.
Zo zijn op het ogenblik een aantal van onze ordebroeders actief bezig in China. Zij worden
daarbij geholpen en geleid ook voor een groot deel door leden van de Witte Broederschap,
maar we vinden daar o.a. bij de 'Broederschap van het Kruis' - vrij vertaald allemaal deze
namen! - de 'Zusteren van Liefde', de 'Verkondigers van de Wereldheer' en nog een hele hoop
andere. Er is hier een samenwerking van veertig tot vijftig verschillende grotere groepen uit de
geest die leren de zaak zó te schuiven, dat een wereldoorlog vermeden kan worden, en
gelijktijdig trachtend - om door het strenge dogmatisme heen van de mensen - iets van een
geestelijk aanvoelen weer tot stand te brengen.
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
4
In Rusland zijn ook een groot aantal groepen werkzaam. En van onze eigen Orde zijn er drie
groepen in de materie (overigens beperkt en zogenaamd geheim). We hebben daar verder
contact met een aantal geestelijke groepen en werken samen. Maar ook hier weer in
coördinatie met de Witte Broederschap.
In de Verenigde Staten zijn een aantal van onze broeders ook bezig. We hebben daar een
betrekkelijk groot aantal centra; we hebben daar liefst zeven onafhankelijke groepen, die niet
direct in de stof met elkaar in contact staan en we werken samen met allerhand, ook
inspiratief werkende, groeperingen o.a. om te voorkomen dat er een te grote burgeroorlog
uitbreekt. Er mogen onlusten zijn, want anders zou Amerika misschien uit angst voor zijn
prestige in de wereld een paar stappen te ver gaan, maar in ieder geval moeten we toch
proberen daar wat te doen.
In Japan werken wij zelf maar met één groep in de buurt van Kobe, maar we hebben daar wel
een enorm aantal groeperingen van geestelijke geaardheid waarmee we samenwerken. Ik
meen, dat er daar op het ogenblik alleen al zeventien, hoofdzakelijk uit het Japans denken
voortgekomen, groepen zijn. Er zijn dan een kleine veertig groepen meestal verwant met Zen,
in denken en daarbij komen ook enkele christelijke groepen. Die werken daar momenteel
gecoördineerd samen om te voorkomen dat een bepaalde groepering, die naar de macht grijpt
en een beetje op de wip zit om eigenlijk vandaag of morgen een oorlog te beginnen (vooral
wanneer Rusland en China slaags zouden raken in Mongolië, en dat is helemaal niet
denkbeeldig dat ze proberen Mantsjoekwo en Sachalin weer te bezetten) en daar dus proberen
om er weer land bij te winnen, want dat zou fatale gevolgen kunnen hebben.
Zo ben je over de hele wereld bezig. Wat stellen wij ons nu voor daarmee te bereiken, want dit
onmiddellijk stoffelijk ingrijpen is uiteindelijk maar zorgen, dat de bom niet te hard schommelt,
dat de menselijkheid van de mens niet over boord slaat.
Dan kun je zo zeggen: we weten dat de mensheid zich in een crisisperiode bevindt, in een tijd
van overgang, om met de astrologen te spreken. De invloedsperiode van Algol is
buitengewoon sterk. Zal het komende jaar o.a. (met Saturnuswerkingen daarbij) nogal veel tot
stand brengen en dat is een ongeveer een vijfjarige periode, omdat een Algolinvloed, die loopt
praktisch van oppositie tot sextiel, ongeveer vijf jaar duurt. Een astroloog kan dat begrijpen.
Het komt er op neer: er zijn bepaalde demonische en dierlijke invloeden die op deze wereld
worden afgevuurd. Daarbij zijn versnelde oorzaak- en gevolgwerkingen aan de gang en
kosmisch gezien moet de mensheid zich nog weer aan gaan passen aan een nieuw patroon van
leven en denken. Wanneer die mensheid daarop niet voorbereid is dan heb je een heel grote
kans, dat ze een groot deel van haar stoffelijke mogelijkheden vernietigt. Dat is nu precies wat
wij uit den boze achten, waaraan we iets willen doen.
Wij proberen om de mensen wat ruimdenkender te maken. We proberen ook de mensen
logisch te laten denken, maar dan met een logica die niet blijft staan bij het eenmaal gestelde.
Een niet axiomatisch denken, maar dat toch wel actueel is, een zelfstandigheid van denken.
De mens die een ander voor zich laat denken in deze tijd is het slachtoffer van allerhand
trucjes met de massa en daardoor weer van de (al dan niet besefte) machtsdrang en
machtswellust van personen, van groepen enz.. We proberen een zeker bewustzijn te wekken,
we worden daarin bijgestaan door vele andere groepen die - althans in dit opzicht - ons
streven met ons delen én we vinden daarnaast een verwantschap van werken met bv. in
Nederland, bepaalde christelijke groepen die vanuit ons standpunt wel eens de zaak te
simplistisch bekijken, te kinderlijk, maar die met hun beroep op het geloof van de mens toch
ook die mens weer de sleutel geven tot een geestelijk beleven.
Daarnaast proberen we waar het mogelijk is hier en daar de mens wakker te schudden voor
zijn eigen contact met de geest. Want wat vroeger is geweest, kan weer komen. De mens kan
weer leren leven in een wereld waarin iemand, die op aarde dood heet, niet meer verdwenen
is, maar alleen een invloed is geworden die je op een andere wijze in jezelf ervaart. Op deze
manier kan de mens langzaam maar zeker zijn hele plan van leven gaan veranderen. Want u
zult wel begrijpen dat er op aarde een hele hoop dingen zijn, die we wel heel erg eigenaardig
vinden(kolderiek!).
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
5
Wat is nu het directe doel dat wij bij onze opvoeding voor hebben? Nu hoop ik dat u niet
schrikken zult. Wij willen de mens afbrengen van zijn sociale gebondenheden en de daarmee
gepaard gaande groepsgewijze schisma's. We willen de mens terugbrengen tot een individueel
leven, met een persoonlijke verantwoordelijkheid, een persoonlijke vrijheid en een persoonlijk
bewustzijn. Een mens die God erkent, die desnoods met anderen samen op zijn wijze God eert
en dient, maar beseft dat nimmer een eredienst of een groepering in de plaats kan treden van
het persoonlijk contact met het Hogere, met God.
Wij hopen die mensen dan verder wakker te roepen voor de invloeden die rond hen zijn, die
vaak zo gemakkelijk aan te voelen en af te lezen zijn, wanneer je maar een beetje - wat elk
mens in feite heeft - je gevoeligheid daarvoor leert gebruiken. Zodat de mens weet als het
ware: dit is een tijd waarin driften de boventoon voeren, hier moet ik voorzichtig zijn. Of hij
weet; nu komt een tijd dat we allemaal terneergeslagen en lusteloos zijn, nu juist moet ik mijn
geestelijke veerkracht, mijn weerstand inzetten, moet ik uit geestelijke waarden mijn kracht
gaan putten om op die aarde licht te geven waar iedereen duister ziet.
Wij willen de mens proberen zo ver te brengen dat hij komt tot een gemeenschapsbestaan dat
niet bepaald wordt door eigendomsrechten bv. en waarbij zelfs het voortbestaan in de materie
onbelangrijker wordt dan het juiste bestaan volgens eigen besef in de materie. Dat is een
werkje waar we voorlopig nog wel mee opgeknapt zijn.
Het eerstvolgende van het werk is de praktische voorlichting. We zijn daarmee ongeveer
anderhalf tot twee jaar mee bezig, ook ten aanzien van de z.g. occulte en magische
onderwerpen, waarbij occult en magisch alleen maar betekent dat de mens er met zijn
verstand nog geen touw aan vast kan knopen, omdat hij te stom is om te begrijpen dat de
dingen, die hij niet begrijpt, even reëel zijn als de dingen die hij denkt te begrijpen en niet
begrijpt. Neemt u me niet kwalijk, maar het komt voor.
Wij willen proberen om die mensen eerst te helpen een evenwicht te vinden; dat evenwicht zal
door sociale crises, door een sterk revolutionaire periode tot bijna 1975 heen moeten worden
behouden. We moeten voorkomen dat de mensen zich te veel mee laten slepen. Je bent
persoonlijk aansprakelijk. Het gaat er niet om wat de groep, de partij, de kerk, het land of de
krant of de tv. zegt, het gaat erom wat jezelf als juist ervaart.
Het gaat er niet om wat men je zegt dat je zou moeten doen in Zuid-Amerika, maar wat je
doen kunt waar je zit; of dat nu Bussum, Laren of Hilversum is, of voor mijn part Timboektoe.
De mens moet zelf vanuit zich actief zijn. Hij moet zo weinig mogelijk van zijn verplichting
tegenover de medemens delegeren. Hij moet daarbij bereid zijn om aan ieder de vrijheid te
geven te leven zoals hij het goed vindt. Hij moet af van denkbeelden als bv. een verdoeming
als straf voor zonde. Het klinkt misschien gek, dat ik dit zo zeg, maar heel veel mensen leven
goed, niet omdat ze weten dat het goed is, maar omdat men hun zegt dat ze anders in de
eeuwige braadkeuken terecht komen. U begrijpt wel dat we daar absoluut fouten gaan maken.
Want als ik morgen tegen u zeg, dat ieder die patat eet in de hel zal komen, dan lachen de
meeste mensen, maar als ik het lang genoeg volhoud zijn er mensen die het gaan geloven. Die
eten geen patat meer. Begrijpt u? Dat is kolder!
Je moet de mens leren dat zijn harmonisch-zijn met God of niet-harmonisch-zijn met God, het
énig bepalende is. Niet of je naar de kerk gaat, maar of je God beseft is belangrijk. Niet of je
bidt met woorden of met daden of eigenlijk je het niet eens bewust bent dat je bidt en bidt
door te leven, dat maakt niks uit, maar er moet een contact zijn met het Hogere. Om de
mensen dat te leren moeten we in die eerste periode vooral steun geven. We moeten de
mensen leren dat het allemaal zo erg niet is, dat het anders kan.
Wanneer we dat gedaan hebben dan krijgen we een periode van weer een jaar of tien, twaalf.
We schatten dat zo, ik weet niet precies op de dag af, waarbij we moeten rekenen met een
voortgang van die opbouw, die tussen die revolutie en die rommel door aan de gang is. En dat
betekent dat we de mensen moeten leren op een nieuwe manier te reageren en samen te
leven. En u zult begrijpen dat onze Orde daar bepaalde opvattingen over heeft waar anderen
het niet mee eens zijn.
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
6
Laten we bv. zeggen.... de kwestie van de pil doodgewoon. Wat dat betreft zijn er in de geest
heel veel opvattingen, maar een ding weten we allemaal in de geest: zolang de mensheid
denkt en goed meent te leven zoals ze nu doet, is een uitbreiding van de wereldbevolking met
dit tempo niet aanvaardbaar. Niet alleen omdat daardoor steeds meer eerste incarnaties
voorkomen, maar ook omdat de mensen daardoor worden teruggedrukt in een mechanisch
bestaan, waarbij een groot deel van de waarde van het menselijk bestaan teloor gaat.
Wij zeggen dus: die pil is goed. Anderen zeggen: nee, dat moet je niet doen. Sommigen
zeggen: beheersing. En weer anderen zeggen: door je geestelijke instelling kun je het
bepalen. Ieder moet dat voor zich weten. Wij denken wat dat betreft bv. dat het het beste zou
zijn wanneer de mensen het idee van sexualiteit, liefde en ook het voortbrengen van kinderen
als drie gescheiden waarden zouden beschouwen, en daarbij het kind zouden beschouwen als
iets dat met de meest juiste geestelijke instelling en de meest gunstige kosmische condities
moet worden begonnen en voortgezet. Wij hebben daar allemaal zo onze ideeën over.
En we hebben bv. heel veel verschil van mening ten aanzien van het christendom. Er zijn veel
groepen die zeggen: maar de leer van Christus is de beste die er is op het ogenblik. Dat geef
ik graag toe. Maar het is niet de enig goede leer. Er zijn een hele hoop mensen die met dat
christendom alleen niet uit de voeten kunnen, zolang de mens niet dogmatisch is. Dat
bestrijden wij. Juist dat dogmatisme. Kan hij, of hij nu christen is of wat anders, groeien naar
die éne waarheid? En die éne waarheid is gebaseerd op: erken de God boven alles en de
weerspiegeling van God in al wat rond u bent en leef met die God in volledige harmonie. Dat is
het enige, dat is de grondwaarheid. Die grondwaarheid prediken, dat doen wij op onze manier.
Anderen zeggen: maar het christendom geeft ons het beste, dus we moeten dat christelijk
doen. Weer anderen zeggen: maar we moeten rekening houden met de wijsheid van het
Oosten, die inderdaad in deze tijd weer opbloeit, laten we dus de meer Oosterse
benaderingswijze nemen. Maar daar heb ik geen behoefte aan. Bij ons dus niet.
Wij menen dat alle dingen goed zijn zolang wij in iets God kunnen vinden en dat is bijna
overal, om niet te zeggen, overal is het goed zolang we het op de juiste manier benaderen.
Dan wilt u misschien cijfers hebben. Ik voor mij houd niet van cijfers omdat ze op het ogenblik
op aarde gebruikt worden om op de meest deskundige wijze overtuigend statistisch te liegen.
Maar er zijn mensen die willen het graag weten.
De samenwerking met de O.D.V. onder de Witte Broederschap omvat op het ogenblik
ongeveer 600 verschillende groepen uit de geest. Het zijn er een paar minder, maar globaal.
Zij omvat verder directe samenwerking door middel van sprekers, dus in spiritistische zin, over
deze gehele wereld met 192 verschillende groeperingen. Let wel, dit betekent niet kringen,
maar groepen; groepen met een vaste instelling. Wij werken op aarde samen op dit moment
met (dat kan ik wel nauwkeuriger bepalen) 237 mediums waarmee wij voortdurend contact
hebben; hieronder te verstaan, personen die volledig inspiratief spreken zowel als half trance
en diep trance. Daarnaast werken wij inspiratief samen met ongeveer - van onze groep uit -
3500 personen. Het kan iets meer, het kan iets minder zijn; dat kun je nooit bijhouden zo iets,
dat komt, we hebben geen rekenmachines! Laten we God loven!
Wat onze Orde denkt? We hebben natuurlijk een beginselverklaring voor u vastgelegd en die
zal aan de leden zeker bekend zijn. Maar om het heel eenvoudig te zeggen; wij gaan uit van
het standpunt dat de waarheid Gods op vele wijzen op aarde bekend is gemaakt en dat het
deze waarheid is en niet het systeem waarin dit tot uitdrukking komt, welke van belang is.
Wij geloven dat alle mensen gelijkwaardig zijn in hun mogelijkheden en dat geen ras,
huidskleur of godsdienst, maar slechts instelling en geestelijke waarden bepalend zijn voor
eventuele verhoudingen tussen mensen.
Wij menen dat alle systemen waarbij verantwoordelijkheid van de eenling naar de
gemeenschap wordt overgedragen uit den boze zijn, daar zij een onverantwoordelijkheid - niet
alleen materieel maar ook geestelijk - bij degenen teweegbrengen die zich hierdoor zeker
menen te weten.
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
7
Wij zijn niet tegen strijd zolang deze geestelijke waarden omvat en erkennen de noodzaak van
stoffelijke strijd, maar zullen trachten deze en haar gevolgen waar mogelijk te beperken.
Wij menen dat alle op aarde bestaande kennis slechts een zeer klein deel omvat van de
werkelijke fenomenen die op aarde bestaan, en wij menen bovendien dat de materieel
beschikbare kennis veelal door eenzijdigheid van beschouwing tot misvattingen en illusies
voert. Vanuit dit standpunt geredeneerd, leeft de mens in een wereld van illusies. Dit betekent
volgens ons niet dat zijn wereld niet werkelijk is. Wel dat hij de waarden die daarin bestaan,
slechts zelden ziet zoals zij zijn.
Wij menen dat het noodzakelijk is de mens te brengen tot een vertrouwen in zijn eigen en
onvergankelijk bestaan tot een begrip van zijn verbondenheid met een hogere kracht,
onverschillig hoe je deze wilt definiëren, en hem te leren dat hij door zelfstandig werken,
denken en streven kan komen tot een zodanige harmonie met het totaal van eigen wezen en
daardoor met het totaal-zijnde, dat ons ingrijpen en inwerken overbodig is.
De Orde werkt in feite om zich in haar huidige vorm en structuur overbodig te maken. Dat zij
hierin niet altijd volledig slaagt is ongetwijfeld mede te wijten aan de fouten die ook zij maakt,
want de Orde is niet volmaakt. Het is anderzijds te wijten aan het feit dat wij uit zeer velen
moeten zoeken naar de enkeling, die begrip heeft voor de geestelijke waarden. Want wij
kunnen de mens wel de weg wijzen, maar je zult hem zelf moeten laten gaan. Juist omdat we
daarvan overtuigd zijn, geven we alle steun aan de Witte Broederschap en haar streven om
het bewustzijn van de mensheid te verhogen en de historie van de mensheid althans zodanig
te beperken of te leiden dat een voortdurend klimmen van bewustzijn mogelijk is, waardoor
elk nieuw ras ook steeds hogere geestelijke waarden en mogelijkheden kan omvatten.
Een heel verhaal en het is erg pretentieus als je het zo hoort. Maar let wel, wij pretenderen
helemaal niet dat we dat allemaal waar zullen maken. Alleen kunnen we dat zeker niet, maar
met de hulp van al die hoge krachten, die in een soortgelijke richting werken - zij het
misschien met een veel groter overzicht van de noodzaak en de mogelijkheden - kunnen wij
iets bijdragen. Dat is misschien het belangrijkste. De Orde wil niet zijn een enige waarheid of
een geloof zelfs maar. Zij wil alleen zijn een mogelijkheid voor de mens om te komen tot
persoonlijk inzicht, tot persoonlijk bewustzijn. En om dat tot stand te brengen tracht zij de
mens niet alleen voor te lichten over de materiële omstandigheden, maar daarnaast ook
omtrent vele dingen die eigenlijk te veel vergeten zijn, zoals de mogelijkheden die in de mens
schuilen (die men vaak magie noemt), de mogelijkheden tot contact met levende krachten op
een ander dan menselijk niveau. Wij trachten de mens te helpen zijn ontwikkeling te bereiken
zo goed wij kunnen. En overal waar wij zien dat men in die richting streeft, zullen wij
medewerking verlenen. Slechts waar o.i. de eenzijdigheid van de mens te sterk bevorderd
wordt zonder dat daar enige compensatie tegenover staat, daar, geachte vrienden, trachten
wij tegen te werken en dan zal die tegenwerking nog alleen plaats vinden wanneer, binnen het
kader van de werkzaamheden van de grote Witte Broederschap, daartegen geen bezwaar
bestaat.
En wat blijft me nu nog over om te vertellen? 0 ja, u wilt natuurlijk nog weten van welke sfeer
wij wel komen, dat weten de mensen altijd graag. Net alsof ze zeggen: ja, als je nu een
loopjongen bent, dan kunnen we onze neus ophalen en voorbijgaan, maar als je vertelt dat je
directeur bent, is dat wat anders.
Nu is er een ding dat zeker is. Een enkele helderziende kan beseffen wie en wat we zijn, die
kan onze uitstraling waarnemen. De meesten van u kunnen dat niet. U hebt dus geen controle.
We kunnen alles zeggen wat we willen maar ik geef u, en dat moet u maar vertrouwen dat ik
eerlijk ben, en ik ben het, hoor, maar vertrouwt u er nu maar op, en als u denkt: nu, het klopt
niet, gooi het dan opzij.
Een aantal van de hoogste entiteiten behoren tot de leiding van onze broederschap. Daaronder
zijn geen grote geesten als bv. de grote heren als Jezus, de verschillende grote Boeddha's,
Maitreya e.d., die dus niet. Deze behoren tot een veel hogere orde. Maar degenen onder ons
die in de top verkeren, behoren over het algemeen wel tot de zogenaamde sfeer van het Witte
Licht. Dat impliceert dat zij ontgroeid zijn aan vormbewustzijn en noodzaken tot persoonlijk
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
8
onderscheid zoals een mens en de meesten van ons dit kennen. Van daaruit breidt zich a.h.w.
de Orde uit via alle lager gelegen sferen tot de Zomerlandsfeer. Daaronder zijn geen me-
dewerkers ofschoon wel vanuit de geest gewerkt wordt in lagere sferen. We werken natuurlijk
niet alleen op aarde. En zo goed als bij een auto-ongeluk de eerste de beste garage afsleept,
zo zal een lid van de Orde zeker een overgaande geest, die om de een of andere reden niet
voldoende contact kan krijgen met degene die hem komt afhalen, helpen als hij denkt; ik kan
dat doen.
Wij zullen om dezelfde reden trachten degenen die in half duister, in schaduwland, in de mist
zitten, om die te helpen wanneer ze er rijp voor zijn, tot het licht te komen. Wij houden ons
zelf niet bezig met het organiseren van bv. reddingsacties, dat ligt buiten ons direct bereik.
Maar we zullen helpen om een eventuele goede en controlerende geest als het ware in contact
te brengen met daarvoor rijp zijnde groepen en ook via geestelijke wegen zullen we trachten
degenen (die rijp zijn natuurlijk) naar het licht te brengen. Zelfs in de duistere sferen wordt
nog gewerkt om degenen die daar toch van beter bewustzijn zijn, althans een nieuwe
incarnatiemogelijkheid te geven.
We doen dus heel wat, maar we doen nog lang niet genoeg. Dat komt omdat we - buiten
misschien de allerhoogste van onze Orde - allemaal maar ergens falen, omdat we het nog niet
helemaal juist en precies zien. Niet zo volledig in staat zijn alles gelijktijdig te beseffen dat we
ook alles wat nodig is, kunnen doen.
Dat is de geschiedenis van onze Orde. Dat is eigenlijk wat we zijn en wat we willen. Nu kan ik
me voorstellen dat u denkt: nou ja, die ouwe die kletst me daar weer een mooi eind weg. Maar
wat ik u gezegd heb, is eigenlijk wat u wilde weten, waarover u dadelijk ook nog wat kunt
vragen als u wilt. Onthoudt u alleen een ding: of u nu bij de O.D.V. behoort of ergens anders
bij, of het deze naam heeft of die, is eigenlijk niet belangrijk. Wat ons verenigt met zoveel
andere groepen in de geest, wat ons één doet zijn- met schijnbaar onverenigbare
groeperingen zelfs met een heel ander denken - is het begrip van een God, van een Eenheid
die alles te boven gaat. Onze drijfveren zijn niet zonder eigenbelang. Misschien denkt u dat we
dat allemaal doen uit liefde voor u. Nee! We doen het uit besef. U bent allemaal een beetje
deel van hetzelfde waarvan wij deel zijn.
Stel je voor dat je pink zou zeggen: nou vertik ik het, ik doe het niet meer, want ik ben
mezelf. Dat zou dwaas zijn, hij hoort bij het lichaam, hij moet met het lichaam functioneren,
hij wordt er uit gevoed en zo gaat het met ons. U bent een ander deel van het zelfde lichaam.
U bent een deel van de goddelijke uiting en dat - binnen deze vorm - mensheid of mens
genoemd wordt. Deze bepaalde weg van bewustwording is deel van ons allemaal.
Wanneer wij door onze schuld of door onze traagheid iemand te gronde laten gaan die tot onze
weg behoort, dan verliezen wij onze eigen weg, dan is het ook voor ons niet zo makkelijk om
te stijgen. Dan wordt de wereld voor ons een beetje donkerder, dan komt er een wolkje voor
de zon. Geluk bestaat juist uit het gezamenlijk opgaan. En naarmate je dat meer beseft, zul je
meer met anderen samen gaan. Dan mag je een eigen mening hebben, een eigen manier van
denken en werken en misschien een bepaald idee omtrent je eigen importantie, maar eigenlijk
doet dat niet ter zake. Belangrijk is dat wat ons verenigt, niet wat ons scheidt. Belangrijk is
hetgeen waarin wij harmonie vinden, niet die disharmonische punten. Vanuit de harmonie
kunnen we de disharmonie langzaam maar zeker onderdrukken. Uit de disharmonie kunnen we
nimmer de harmonie tot stand brengen.
Dat is - ook voor u, niet alleen voor ons - in het leven eigenlijk hetgeen waar het op aan komt.
U mag leven zoals u wilt. Niemand van ons zal u dat kwalijk nemen. U mag denken zoals u
wilt. Niemand van ons zal u dat kwalijk nemen of zeggen dat u anders moet denken, maar we
hopen wel dat u in de manier waarin u leeft, door de wijze waarop u denkt, dat u iets vindt van
dit idee van verbondenheid met allemaal. Er i s geen echte grens. Er is alleen maar die grens
die wij maken door onze persoonlijkheid als het ware te begrenzen. Zoals er voor de meesten
van ons alleen grenzen gesteld kunnen zijn door ons eigen begrip omtrent kunnen.
Dat klinkt wat vreemd in de stof - weet ik - maar geestelijk heb je enorme krachtbronnen; die
worden nooit gebruikt omdat je denkt dat het niet kan. Dit zoeken naar het geluk, het ultieme
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
9
misschien, dat is onze reden van werken. Dat we daarbij steeds meer beseffen dat we deel zijn
van u, en dat u deel bent van ons ergens, dat is geen verdienste. Dat is alleen besef van het
Hogere, van het Grote. En al die verschillende graden en rangen waarin, u ons zou willen
verdelen, vallen daarom ook eigenlijk weg.
Er is een groot bewustzijn dat ons beter begrijpen kan, en er is een kleiner bewustzijn dat wij
beter kunnen begrijpen dan het ons begrijpt. Er is onze worsteling om iets te zeggen wat het
kleinere begrijpt, en onze worsteling om de eenheid te kunnen delen met het Hogere, waar we
nog niet voldoende begrip voor hebben. Dat is juist leven. Leven, vrienden, daarmee wil ik dit
betoog besluiten al hoort het eigenlijk niet bij het onderwerp, leven, dat is uit de vele
tegenstellingen te zoeken naar die synthese waardoor het 'ik' harmonie erkennen kan in het
bestaan; een steeds meer omvattende harmonie beseffen kan op alle terrein, en hierdoor een
steeds grotere verbondenheid kunnen gevoelen met een totaliteit die onvoorstelbaar is, maar
die we ergens toch aanvoelen als onze enige werkelijkheid.
Dat leek nou bijna op een preek, maar ik wou het zo graag ook zeggen. Nu hebt u het wel
allemaal gehoord. Denk er eens over na! En als u nu informaties wilt hebben dan kunt u die
krijgen van mij met één uitzondering - dat moet u me niet kwalijk nemen, daar hebben we
onze redenen voor - wanneer u mij gaat vragen of er in Australië, Zuid-Afrika, Venezuela,
Argentinië, Canada of ergens anders een groep van ons werkzaam is, dan zal ik daarop geen
antwoord geven. Ik zal u ook niet vertellen waar en hoe u die vinden kunt, want de banden die
wij geestelijk bezitten, zijn voldoende.
Zouden materiële banden op aarde ontstaan, dan zouden wij juist hierdoor in vele gevallen in
ons materiële werk sterk worden belemmerd en zouden we niet meer de mogelijkheid vinden
om in alle landen actief te zijn. Dus daarop mag ik geen antwoord geven. Al het andere graag.
Maar opdat u in de gelegenheid bent eerst te formuleren wat u misschien zou willen vragen,
gaan we nu eerst pauzeren. En mag ik u hierbij voorslaan om, als u werkelijk iets belangrijks
te vragen hebt, het even op te schrijven? Want het is gek, als een mens een vraag moet
opschrijven dan komt hij tot een synthese in zichzelf, omdat hij het zo kort mogelijk moet
doen, maar als hij iets moet vragen praat hij meestal zoveel, dat hij alles vraagt behalve wat
hij had moeten vragen. Dus als het kan graag schriftelijk. En als we tijd over hebben en u hebt
een andere vraag, dan ben ik heus niet zo dat ik zeg; dat heeft er niks mee te maken en daar
geef ik geen antwoord op.
We sluiten, als er tijd over blijft, ook wel weer met een beetje improvisatie. U kent het
allemaal, het zgn. schone woord. Dus daar moeten we ook nog wat tijd voor over houden. En
als ik de tijd uit het oog zou verliezen dan hoop ik dat er officiële instanties in de materie de
klok in de gaten willen houden en daarbij dus ook mij.
Vrienden, ik wens u een aangename pauze toe en ik hoop dat u in dit gezellige praatje dus
toch wat mee informatie hebt opgedaan omtrent de Orde, haar relatie met andere geestelijke
groepen, haar werk en haar denken. Tot straks!
DISCUSSIE
Zo, vrienden, ik hoop dat u ondertussen wat uitgerust bent van de eerste wandelpartij dan
kunnen we nu eens gaan kijken wat u in onze Orde zo belangrijk vindt. Graag eerst de
schriftelijke vragen maar even, dan kunnen we altijd nog zien wat er nog meer is.
Vraag: Hoe is de eerste "oer-huiver" bewust geworden en daarmede een God c.q.
Almachtbegrip?
Antwoord: Ja, hoeveel tijd heb je? Dat is een hele geschiedenis. Maar laat ik het heel kort
vertellen. Het is zo: het eerste contact, het directe en tamelijk bewuste contact met een
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
10
groepsgeest, vinden we bij de verre voorvaderen van de mens in de tijd dat ze nog amfibisch
zijn; dus zeg maar, in de tijd voor de warmbloedige. Die leven dan in kustmoerassen en die
kennen daar al een primitieve, een soort altaar, een soort beverdam, dat idee, waar een
uitstraling zichtbaar wordt. U begrijpt wel dat toen de primitieve mens kwam, zodra hij in
gemeenschap leefde, dat waren gemeenschappen die uiteen liepen van twintig tot honderd
man, meer waren dat niet.
Toen had men dat gebruik van deze, meestal uit aarde opgeworpen altaren, rotsteen werd ook
wel gebruikt daarvoor, daar kwam men samen en zag men inderdaad iets. Dat werd dan
beschouwd als een orakel en daaruit kwam het begrip van hogere machten. Of je dit een Gods
begrip mag noemen, weet ik niet precies, in ieder geval komt men daardoor tot het begrip van
een voortbestaan en van hogere krachten, sterkere wezens dan jezelf bent en zoals ik dat in
mijn onderwerp al zo'n beetje heb gezegd, gaat dan langzaam over in een voorvaderverering
en later gaat het over naar een soort fetisjisme.
Als we dat in periode moeten bepalen, dan zou ik zeggen, die periode waarin men bewust in
een - op de mens van heden enigszins gelijkende (het ligt tussen het semiaans en het
menselijke in - vorm met dergelijke entiteiten communiceerde, dan kun je dat stellen op
ongeveer 2.400.000 jaar geleden. De mensheid is tamelijk oud, hoor, maar in die tijd is er van
een bewust verkeer met mensachtigen sprake.
Er is voor die tijd ook nog wel een ander soort, zeg maar beschaving, maar dat zijn geen
menselijke wezens en dat is een heel andere geschiedenis. Als ik daarover moet gaan vertellen
dan kom ik nooit aan het einde vanavond. Ik hoop dat dit een voldoende antwoord is.
Vraag: Ging daarmee gepaard het eerste schuldgevoel?
Antwoord: Nee, het vreemde is dat het schuldgevoel pas optreedt op het ogenblik dat de mens
een scheiding gaat maken tussen materie en geest, dat hij de wereld van de geest als het
ware niet meer opneemt in zijn eigen gemeenschap - Bijbels gezegd: wandelt met God - maar
dat hij meent dat er dingen zijn die hij buiten God om kan of moet doen; dingen, waarin de
geest a.u.b. niet gemoeid moet zijn of wel, zoals het in de Bijbel staat in het symbolisch
scheppingsverhaal, heengaan en zich verbergen. Op dat ogenblik krijg je het schuldbewustzijn
omdat op dit moment de scheiding ontstaat tussen de geest en het verborgene. Zodra het 'ik'
zich terugtrekt met dingen in het verborgene, ontstaat daaruit een schuldbewustzijn, vooral
wanneer dit in-het-verborgene-ageren nog geen deel is van het cultuurpatroon van de
gemeenschap waartoe hij behoort.
Vraag: We zouden dat kunnen noemen een 'spiritueel denaturalisme'?
Antwoord: Ja, dat is er een heel mooi woord voor, maar sedert ik iemand heb meegemaakt die
dacht dat een spiritualist iemand was die leefde van spiritualiën, ben ik voorzichtig met die
woorden.
Vraag: Is dat bij de Neanderthaler?
Antwoord: Dat is nog pre-neanderthal.
Vraag: Waar het schuldgevoel optreedt?
Antwoord: Dat is nog pre-neanderthal.
Vraag: Daarmee begint ook het begrip van de demonen en van de goden?
Antwoord: Ja, dat is eigenlijk… Uitgedrukt in sommige voor u nog kenbare tekenen, liggen de
begrippen van goden en demonen niet zo ver weg, omdat de voor u kenbare tekenen daarvan
niet verder teruggaan als ongeveer 600.000 jaar maximaal. En de tekenen daarvan die u kunt
interpreteren, behorende tot een bepaalde tijd, zullen niet veel ouder zijn dan ongeveer
200.000 jaar. 40.000 Jaar geleden begint eigenlijk pas de periode waar u werkelijk iets van de
mens weet.
Vraag: Hoe is geestelijke medische hulp mogelijk? De mogelijkheid bestaat dat door
het contact dat sommige mensen hebben met de Orde, er zich een beeld ontwikkelt,
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
11
een geestelijk beeld, van een paranoïde oftewel vervolgd worden, dat de acties van de
Orde niet alleen positief maar ook zeer negatief kan worden uitgelegd. Deze mensen
hebben dus psychiatrische hulp nodig. Er zit n.l. één te midden van hier. De
moeilijkheid is n.l.(ik zal er niet verder op ingaan) dat je deze mensen niet naar een
psychiater kunt sturen, omdat deze überhaupt denkt dat de arts, die degene stuurt
naar een psychiater als hij het zelf niet helemaal aan kan, ook knetter is. Nu is dat op
zichzelf ook wel relatief, maar het werk van de Orde kan daardoor schade berokkend
worden. Begrijpt u wat ik bedoel?
Antwoord: Ik begrijp volledig wat u bedoelt. Het ellendige hierbij is dat een bestaande
paranoïde reactie of tendens zich kan fixeren op de Orde en ook op dergelijke activiteiten van
andere groepen.
Reactie: Volmaakt met u eens.
Antwoord: En wanneer deze fixatie ontstaat, dan heb je een grote moeilijkheid, want wanneer
je zelf ingrijpt (en dat is nu de grote moeilijkheid van ons uit) bevestig je de fixatie en maak je
de genezing dus verder onmogelijk.
Reactie: Het laatste begrijp ik niet.
Antwoord: Nu, dat is heel eenvoudig. Wanneer een dergelijke fixatie ontstaan is en in aanleg
'paranoia' aanwezig is, die enigszins werkzaam begint te worden, dan zal deze achtervolging
van de Orde misschien veranderen in een achtervolgd worden door anderen en een toevlucht
zoeken naar de Orde. Maar het kenbaar manifest worden van de Orde - dat is de beroerdigheid
- bevestigt nu in feite de onevenwichtigheid. Dat houdt in dat niet door een direct optreden
geholpen kan worden.
Maar dat voert ons wel heel ver van het werk. Ik ga dus terug naar het eerste deel van de
vraag. Genezing is in negen van de tien gevallen uiteen te rafelen als een onevenwichtigheid in
de mentale status van de mens en daardoor ook een onevenwichtigheid in de materiële status
van de mens. Het omgekeerde komt ook voor. Geestelijke genezing is nu altijd gebaseerd op
het aanpassen van de psyche van de patiënt en het - via deze psyche - doen ontstaan van
psychische werkingen welke fysieke reacties ten gevolge hebben - dus vanuit de geest en
eventueel bewustzijnsdelen van het bewustzijnontstane situaties in het lichaam, welke dan de
kwaal bestrijden en in vele gevallen ook in staat zijn om bv. een niersteen tot vergruizing te
dwingen (ik noem nu maar een van de mogelijkheden) . Het is inderdaad mogelijk om
geestelijk te genezen.
Daarnaast bestaat onder de naam 'geestelijke genezing' ook nog het geven van adviezen door
wat men noemt doktoren uit de geest, elders noemt men het 'Indian scouts'. In dergelijke
gevallen wordt naast deze hulp of zelfs geheel op zich staande, een behandelingswijze
aangeraden en eventueel een diagnose gegeven. De moeilijkheid daarbij is heel vaak dat een,
in de geest gestelde, diagnose moet worden vertaald in de vaktermen waardoor men stoffelijk
en medisch aanvaardbaar het ziektebeeld kan omschrijven, terwijl daarbij bovendien vaak met
factoren rekening wordt gehouden die niet als symptoom kenbaar zijn of makkelijk erkenbaar
zijn, waardoor je bij de wetenschap vaak een afwijzing krijgt van een dergelijke diagnostiek.
Dan ten laatste dit: Bij alle geestelijke geneeskunde hebben wij te maken met een middel.
Zodra dit een stoffelijk middel is dat geen voldoende eigen achtergronden heeft op dit terrein,
dan zijn vergissingen heel goed mogelijk. Ook versprekingen zijn mogelijk. En wanneer je in
plaats van een honderdste gram, honderd gram arsenicum voorschrijft, weet u wel wat daar
de resultaten van zijn. Receptuur vanuit de geest kan nooit gebruikt worden zonder dat zij
materieel gecontroleerd is op haar aanvaardbaarheid en ook t.a.v. de geestelijk gestelde
diagnose, zou men zoveel mogelijk althans een materiële controle voor de mogelijkheid van
een eventuele aanvaardbaarheid daarvan moeten doorvoeren. Dat lijkt me toch wel het beste.
Vraag: Zou u iets kunnen vertellen over de weerklank die het werk van de Orde vindt
a) direct bij de mensen in groepen op aarde die zij via media of inspiratie bereikt;
b) indirect in het gehele denkpatroon van een volk, een werelddeel en uiteindelijk de
mensheid?
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
12
Antwoord: De invloed die men heeft op de groep is in verhouding klein. De wijze waarop men
bij de Orde werkt in bijeenkomsten als deze is n.l. gebaseerd op het scheppen van bepaalde
grotendeels tot het onderbewustzijn behorende referentiepunten, waardoor een langzame
wijziging in het denken van de mens en daarmee vaak ook in diens gedragspatroon en
handelwijze tot stand kan worden gebracht. Wat dit betreft achten wij een gemiddeld
rendement van één geslaagd geval per honderd toehoorders als een zeer goed resultaat.
Wat betreft de beïnvloeding van een volk. We hebben door de jaren heen in Nederland nogal
wat werk gedaan en wij menen inderdaad dat nu hier en daar onze denkbeelden ook zijn gaan
doorklinken in andere kringen die niet eens meer weten, dat de Orde bestaat misschien, maar
die dat via, via hebben meegekregen. Wat wij in feite proberen te doen, is een soort van
onderbewuste tendens te leggen in de toehoorders welke voldoende harmonisch is en daarbij
nimmer overdreven optimistisch, waardoor zij in staat zijn onder alle omstandigheden iets
daarvan mee te geven aan degenen die zij ontmoeten. Het is een soort van positieve
infectiemethode. En voordat wij daarmee een werelddeel kunnen beïnvloeden, nou, dat zal nog
wel een hele tijd duren. Wij hopen dat voor die tijd de zaak al voor elkaar is.
Wat betreft de gehele wereld? Wij vermeten ons niet de gehele wereld te beïnvloeden, maar
dat is ook niet nodig, want de gehele wereld wordt - en vaak zeer positief - uiteindelijk
beïnvloed door de grote Witte Broederschap en die weten heus wel wat ze doen.
Vraag: Begint er in de Sovjet Unie al tekening te komen in uw pogen om het starre
materialisme, het rationele denken open te breken?
Antwoord: Ja, dat begint er wel in te komen zo hier en daar. Ik zou zeggen dat we het met
enkele groepen en kringen o.a. één... o nee, dat mag ik niet zeggen ... daar heel aardige
resultaten hebben geboekt. En we hebben het grote voordeel dat we daar op het ogenblik ook
bepaalde kringen van intellectuelen kunnen bereiken. Maar ik wil niet zeggen, dat dit
openbreken van de mentaliteit alleen via seances plaats kan vinden. Daarom zijn we heel erg
blij dat de grotere gemeenschap op het moment ook bezig is om daar wat aan te doen.
Het is bv. heel leuk: je hebt Bresjnief, die heeft op het ogenblik de illusie dat hij een tweede
Chroetsjef kan worden. Stalin vindt hij schijnbaar toch te erg. Daar zijn weer anderen die het
daarmee niet eens zijn en dat brengt een niet-in-balans-zijn tot stand tussen staat, partij en
leger en die tegenstellingen zullen waarschijnlijk omwentelingen tot stand brengen, waarbij
men gaat proberen de mensen te kopen door ze meer te geven; dat moeten we nu juist
hebben. Want, als je de mensen meer gaat geven om ze ergens toe te brengen, gaan ze -
vooral in een dergelijk land - zich afvragen waarom ze het tot nu toe nooit gehad hebben. Als
ze dan gaan denken, dan staan ze open voor een minder dogmatisch denken. Als ze zelf gaan
nadenken, dan ben je een stap verder. Maar u moet niet vergeten dat uiteindelijk Rusland voor
negentiende nog steeds een boerenbevolking heeft, en dat het openbreken van de mentaliteit
daar heel erg moeilijk is.
Gelukkig zijn er sterk religieuze achtergronden op het platteland en op het werk, zodat langs
deze kant een te sterk partijdogmatisme voorkomen kan worden. En bij verandering van
mentaliteit van de grote industriegebieden zal de boerenbevolking in staat zijn deze mee te
maken zonder zich vast te klampen aan de oude partijdogmatiek.
Vraag: In hoe verre zal de orthodoxe kerk in de Sovjet Unie nog in staat zijn positief
aan een geestelijk reveil daar bij te dragen?
Antwoord: Ik geloof niet dat ze deze mogelijkheid als kerk bezit. Wel mogen wij stellen dat in
de orthodoxe kerk een aantal, je zou haast zeggen, progressieve elementen actief zijn en een
zekere opvoeding tot stand brengen van de gelovigen, maar we delen vaak één nadeel: zoals
in Rusland de orthodoxe kerk is, trekt zij hoofdzakelijk ouderen en is het aantal jongeren - wat
toch erg belangrijk is bij een dergelijke vorming - in verhouding gering. Ik geloof niet dat zij
als geheel veel kan bijdragen omdat haar té sterke binding aan het staatsgezag bij velen, zelfs
van de gelovigen, een zeker wantrouwen blijft wekken. Vooral wanneer het gaat om sociale en
andere zaken.
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
13
Vraag: In 1875 is door Mevr. H.P.B. Blavatski een eerste stoot gegeven voor o.a. ook
uw werk. Dit denk ik zo te mogen opvatten. Ik meen dat zij ook een opgave aan de
mensheid heeft gesteld, n.l. om op eigen wijze de waarheid te leren formuleren - dus
vanuit het menselijk bewustzijn - zodat er een wisselwerking zou plaatsvinden van
krachten van u tot ons en van ons tot u. Kunt u mededelen of zulke wisselwerking
vruchtbaar kan zijn?
Antwoord: Ja, ik ben er van overtuigd dat zij dit wel is. En misschien is het aardig om op te
merken dat Heleentje Blavatski een tamelijk temperamentvolle jongedame was (als u me
toestaat om dit op te merken). Dus zelf gekomen is tot veel van hetgeen zij later heeft
neergeschreven en veel van hetgeen zij heeft doorgemaakt en beleefd via dingen die direct
dingen zijn van wat u spiritisme kunt noemen. Ik geloof dat zij met haar theosofie inderdaad
buitengewoon veel heeft gedaan voor de mensheid en wij kunnen bv. ook het werk van een
Leadbeater erg bewonderen. Maar Leadbeater is ergens de Paulus van de theosofie. Met hem
doet een zekere orthodoxie zijn intrede al. Deze wordt steeds sterker totdat we uiteindelijk tot
een theosofisch dogma komen dat met de zuivere - op de inwijding van het 'ik' gerichte lering,
die Blavatski in beginsel heeft vast gelegd - vaak nog maar heel weinig van doen heeft. Dat
wat de mens doorleeft en doorvoelt, wordt geïnterpreteerd en verklaard op een nogal
heerszuchtige wijze. Dat houdt voor mij in, dat, ofschoon in het werk en de stellingen van de
theosofie onnoemlijk veel waarden zijn vervat die nuttig zijn, het huidige theosofisch
logestelsel niet altijd meer kan worden gerekend tot een progressief geestelijke richting. En
wanneer er een wisselwerking is met de geest (zoals met ons b.v.) dan kan dit uitermate
nuttig zijn. Maar men is daarvoor juist in theosofische kringen ook vaak weer bang, omdat het
contact met de geest in strijd zou komen met de dogmatische instelling. Iets dergelijks vinden
we ook bij andere groeperingen, de Rozenkruisers b.v. en ik zou er meer kunnen noemen.
Daarom zou ik u willen zeggen, ook in de theosofie, in de werken van Steiner e.d.
antroposofie, Heindel, is onnoemlijk veel waardevols aanwezig, mits men het niet dogmatisch
leest en leert, maar het beschouwt als een aanwijzing om zichzelf een beeld te vormen van
leven en kosmos. Dan zitten in die dingen altijd weer inwijdingswaarden waarvan men gebruik
kan maken. Dan kan ook altijd verhelderend werken een contact met de geest - of dat nu van
onze groep is of elders - omdat ze er u toe brengt uw eigen besef en standpunt nader en
bewuster te definiëren.
Vraag: U hebt gesproken over nieuwe incarnaties. Hoe ontstaan deze?
Antwoord: Een nieuwe incarnatie? Een wezen heeft vroegere levensvormen gehad hier of
elders; is tot een bewustzijn gekomen waarbij hij behoefte heeft aan het vermogen tot
manipuleren, herinnering en dus bewust en zelf beschouwend leven en werken, en dan komt
hij vanzelf terecht bij de mens als hij in deze buurt zit. Dan komt er een mogelijkheid voor die
geest om in de materie te leven, dan zeggen ze; Ha, dat is wat voor mij; wordt mens, vergeet
vervolgens haar doel en zegt uiteindelijk dat het meestal tegenvalt; maar ondertussen leert
zij. Dus dat is een punt.
Vraag: Kunt u iets vertellen over de eerste incarnatie? Waar komt de eerste geest
vandaan? Is het woord 'geest' hier goed gebruikt of wordt deze term alleen gebruikt
wanneer iemand eerst geleefd heeft en dan reïncarneert.
Antwoord: Ja, maar om als mens te incarneren, moet je eerst geleefd hebben. De term 'geest'
is dus goed. We spreken over geest zodra de ziel een bewustzijn heeft waardoor ze zich van
een begrenzing ten aanzien van het Al en eventueel van verschillen t.a.v. andere begrenzingen
en het Al bewust wordt. Zodra dat er is, spreken we van geest. Dat houdt in dat elk dier dat
boven het primitieve stadium uitkomt eigenlijk al een geest heeft. Zelfs de verder ontwikkelde
plantvormen hebben wat men geest kan noemen. Maar die geest is betrekkelijk onontwikkeld,
kan dus nog niet zijn mogelijkheden overzien en heeft ook geen behoefte aan een sterk
gedifferentieerde ervaring. Wordt die differentiatie groot genoeg, dan is de mens de
eerstvolgende vorm waarin aan de behoefte van ervaring, van leven in feite kan worden
voldaan.
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
14
Dan is uw vraag, waar komt alles in het begin vandaan? Uit God, die in Zijn openbaring als
zuivere kracht en in materievelden gebonden kracht de werelden van stof en geest mogelijk
maakt. En uit de relatie van beide het besef tot stand brengt.
Vraag: Het zijn dus eigenlijk twee bepaalde vormen van energie in een bepaalde
wisselwerking?
Antwoord: Ja, dat zou je dus kunnen zeggen. Want God is dus kracht, maar die kracht komt
niet in een vorm tot uiting. Zij is. Zij is onkenbaar in Zichzelf en wordt alleen kenbaar wanneer
binnen deze kracht een verschijnsel optreedt. Het tweede is de materie. Die kunt u zien als
werveling, stuwing en trilling. Daaruit ontstaat materie in verschillende vormen en daardoor
ontstaat de doorkruising van de zuivere kracht, waarbij verschijnselen ontstaan, waarbij
energie mogelijk wordt, kenbare energie mogelijk wordt. Daardoor kan dan weer ontstaan:
onderscheid erkennen van verschillende waarden. Zodra een afwegen van waarden tegen
elkaar mogelijk is, is besef mogelijk.
Vraag: Wordt nu - door het niet gebruiken van de pil - de lagere geest sneller gevoerd
naar de mens?
Antwoord: Dat durf ik niet te zeggen, want dat heeft er niks mee te maken. Het is de eigen
mentaliteit van de mens. Dat is heel begrijpelijk. Je hebt mensen die durven in een luxe café
niet binnengaan, maar zodra er zaagsel en een paar pruimen op de grond liggen, dan zwerven
ze de ene kroeg in en de andere uit. Ze zien eenvoudig de sfeer die hen past en zo is het met
een incarnerende geest ook. Een voertuig, dat te fijn besnaard is, daar durft hij niet aan
beginnen. En dat voertuig, dat is fijn besnaard en dat is geestelijk veel aanwezig, wanneer de
sfeer van de ouders harmonisch en goed is. En als het voertuig dan ook nog alle
mogelijkheden belooft, dan trekt dat vanzelf ook een hogere geest aan. Anders gezegd: hoe
minder harmonisch en bewust de mens leeft, hoe groter de attractie zal worden voor een
lagere incarnatie. Het spijt me, ik kan hier met de pil niets doen.
Vraag: Zijn zo weinig mensen mediamiek, dat de geest zich soms van een idioot moet
bedienen?
Antwoord: Ja, u brengt me bijna tot het hatelijke. Ik zou zeggen, er zijn zoveel idioten dat het
soms moeilijk is om een mens te vinden. Nee, het is zo: om een goed mediumschap te
hebben, dat is niet bezetenheid. Dat is ook een vorm van mediumschap eigenlijk. Maar voor
een goed mediumschap is nodig een zekere harmonie tussen mens en geest, een erkenning
van de geest door de mens en een zekere openheid van de mens voor de geest.
De meeste mensen hebben in meerdere of mindere mate wel eigenschappen die je mediamiek
zou kunnen noemen, maar ze zijn er bang voor, ze kunnen ze niet aanvaarden. Voor de één is
dat een psychologisch blok, voor de ander is dat iets wat men maatschappelijk niet zou
kunnen aanvaarden; voor de derde komt de godsdienst er bij te pas, waardoor men het afwijst
en zo onderdrukken de meeste mensen die kwaliteiten.
Juist in een gemeenschap als bv. die van de Middeleeuwen, waarin aan de ene kant het leven
uitbundig materialistisch was en aan de andere kant bijna even hysterisch uitbundig vroom,
was het heel erg moeilijk iemand te vinden die de geest kon aanvaarden zonder daar direct
een demonie van te maken. Dan kwam je vanzelf bij een idioot terecht omdat die niet begreep
wat de anderen bedoelden met hun geregeld materialistisch bestaan, met hun godsdienstige
bekrompenheid. Hij stond er net buiten en daardoor was hij in vele gevallen de aanvaardbare
persoon.
Tussen twee haakjes, dat is wel meer gebeurd, ook in het verleden, en daarom vind je nu nog
vaak bij primitieve volkeren een buitengewone eerbied voor krankzinnigen en idioten. Dat is
een kleine historische toegift.
Vraag: Kunt u wat vertellen van de stadia die de geest moet doorlopen (met of zonder
hulp) na het verlaten van het dode lichaam? Welke reïncarneren en welke komen zo
ver, dat zij, al naar hun geaardheid, zich bij een groep kunnen aansluiten?
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
15
Antwoord: Nu, laat ik u een illusie wegnemen. Het feit dat u zich in de geest bij een groep kan
aansluiten, houdt nog niet in dat u niet zult incarneren. Dat geldt ook voor ons. Ik hoop, dat ik
er overheen ben. We zullen zien of het waar is.
Het is zo: Op het ogenblik dat men na de overgang van zichzelf bewust wordt, leeft men in een
wereld. Die wereld wordt (99 op de 100) door eigen voorstellingsvermogen bepaald. Alle
werkelijke waarden worden geïnterpreteerd. Doordat het interpretatievermogen van het 'ik'
beperkt is, komt er een ogenblik dat men of wel moet leren een nieuwe erkenning en
uitgebreider interpretatie te vinden voor het bestaande - men noemt dit een verhoging in sfeer
- ofwel daartoe niet in staat zijnde, wordt de wereld suf, saai en dof. Het is een soort van
sterven, een wegvallen eigenlijk van de vreugde van leven, en deze beweegt dan te zoeken
naar een wereld waarin die vreugde wel mogelijk is, of waarin de ontbrekende
interpretatiemogelijkheden door ervaring kunnen worden aangevuld. Daaruit resulteert dan de
incarnatie in de materie.
Vraag: Dus het streven naar een maximum entropie?
Antwoord: Nou, ik geloof niet dat u dit entropie moet noemen. Entropie is uiteindelijk
ophouden van de beweging en zover ik mij bewust ben van die dingen, streeft men niet naar
een feitelijke entropie, maar men streeft naar een zodanig begrijpen van het totaal bestaande,
dat alleen het richten naar het totaalbestaande van eigen bewustzijn en het besef daarvan,
een zodanige oneindigheid van mogelijkheden geeft, dat het 'ik', in zich niet meer als ik-heid
actief door zijn besef van een harmonie met de delen van het totaalbesefte, kan komen tot
een verbondenheid met de totaliteit, die gelijktijdig de totaliteit uitdrukt binnen elk deel van
die totaliteit waarop het zich richt.
Vraag: U streeft wel naar die ordeverhoging, u bant de wanorde, dus entropie
verhoogt?
Antwoord: Nee, wij bannen niet de wanorde, want waar de vrijheid bestaat tot innerlijk richten
naar eigen zijn en besef, is er in feite een anarchistische situatie ontstaan geheel volgens eigen
inzicht en neiging, dat is dus weer anarchistisch. Maar omdat deze anarchie berust op een
totaal erkennen van harmonie, zal de werking van het anarchistische totaal harmonisch zijn,
waarbij het element 'strijd' niet meer voorkomt in de vorm van geweld en gewelddadige strijd,
maar slechts in een erkenning en in een bijna speels afwegen van waarden. Ik zou dus niet
willen zeggen entropie.
En u vroeg naar een eenvoudig voorbeeld. Laat ik u een heel eenvoudig voorbeeld geven.
Mensen die aan hun eigen werkelijkheid willen ontvluchten, gaan naar een bioscoop. Stel je
voor, dat je in plaats van alleen met te kijken zou kunnen leven in elke scène die daar
gespeeld wordt. Dan zou je door willekeurige films te bezoeken alles kunnen beleven wat je
zou willen en toch de erkenning hebben van wat je zelf bent. Dit is de vorm van leven vanuit
de harmonie. Het beeld is veel te eenvoudig, maar het geeft misschien een klein idee van
hetgeen ik met mijn formulering bedoel.
Vraag: U sprak over de geest die in de duisternis verkeerde en dan geholpen zou
kunnen worden. Hoe hebt u dat bedoeld?
Antwoord: Dat is heel eenvoudig. Mag ik een gelijkenis gebruiken? Een dokter moest een
patiënt bezoeken in Londen, het was er ontzettend mistig. Er kon geen taxi rijden, niets kon
meer. De enige die hem helpen kon was een blinde. Mensen die gewend zijn aan begrippen en
waardebepalingen zoals op aarde en daarvan geen afstand kunnen doen, die vaste waarden
willen zien alleen en niet begrijpen hoe zijzelf eigenlijk het beeld van hun wereld scheppen in
de geest, leven in een wereld van waan, maar gelijktijdig van mist, van nevel, omdat zij niet in
staat zijn hun eigen beeld concreet uit te drukken, maar alleen een verlangen hebben naar
concrete beelden die van buiten hen komen. Dat kunt u volgen?
Nu komt er iemand die in de geest leeft, die gewend is om te leven in die eigen waarden. Hij
heeft geen behoefte aan het concrete en kan harmonisch worden met die ander, hem geleiden
door zijn duisternis, naar een concretisering van bepaalde van zijn eigen denkbeelden,
waardoor hij komt in een wereld die hij erkennen kan en waarin hij weer gerichtheid kan
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
16
ervaren. Pas in die wereld kan hij een ontmoeting accepteren buiten de gelijkheid van verdoold
zijn.
Wanneer je dat doet dan probeer je in harmonie te komen met degeen die in het duister is,
tracht de positieve waarden ten aanzien van het geestelijk bestaan in die mens zodanig te
stimuleren dat u deze met hem kunt delen. U suppleert dan uit uw eigen vermogen
aanvullende impulsen zodat hij in staat is zijn gefixeerde wereld van duister of zijn nevels,
ongevormde wereld van duister te verlaten en daarin nieuwe elementen te aanvaarden.
Hierdoor gaat hij zichzelf anders zien en staat hij meer open voor de krachten die tot het
werkelijke licht behoren, maar niet direct meer voor hem bepaald zijn.
Vraag: Welke overgeganen uiten zich dan min of meer tegen of uiten zich via een
medium?
Antwoord: Dat zijn aardgebondenen: die doen dat natuurlijk nogal graag. Dan zijn er verder
degenen die in een duistere wereld behoren omdat zij een rigide structuur van eigen wereld
hebben geprojecteerd in een wereld na de dood, meestal nogal duister en glansloos, waarin zij
bestaan, die zij soms met enkele anderen delen en daarnaast elke geest die zich bewust is van
de mens en van het licht in de mens. Zodra je n.l. van bepaalde waarden in de mens bewust
bent, kun je daarmee in harmonie komen. Is zo'n harmonie aanwezig, een zeker rapport, dan
is uiting door of aan die mens meestal wel mogelijk. Maar voor de lagere vormen is het wel
hoofdzakelijk een harmonie waarbij de mens in wezen harmonisch moet zijn met het we-
reldbeeld waarin de andere leeft op een of andere manier, hetzij door lust of door andere
dingen, waardoor op basis van die harmonie het wereldbeeld van de geest in het duister
geprojecteerd kan worden aan wat dan het medium is, en dan via dit medium tot uiting kan
worden gebracht.
Vraag: Is het mogelijk dat na de tweede periode die u noemde, tussen in de buurt van
'86-'87 de geest van Mohammed of van Boeddha weer reïncarneert?
Antwoord: Ik denk dat er iets later dan de door u genoemde periode een heel groot en heel
lichtend Wezen hier op aarde geïncarneerd leeft. Er zijn er nu al een paar geweest en de
voorbereidselen zijn zodanig, dat je aan moet nemen dat zeg ± 2020-2030, dat die volledige
openbaring er wel weer zal zijn. Voor die tijd moet er echter een soort religieuze en ethisch en
occult reveil plaatsvinden en daaraan wordt op het ogenblik heel hard gewerkt en wel vooral
via het oosten. Dat heeft ook wel voordelen want we krijgen tegen '90 ongeveer een soort
Mongolenstorm. Dan gaat China een groot deel van Rusland en waarschijnlijk ook nog andere
landen in Europa bezetten, de z.g. rode vloed. Dan worden daardoor bepaalde beelden uit de
Oriënt veel sterker in het Kaukasische ras verankerd. Die storm vloeit weer terug, het is geen
blijvend iets, het is een soort blitz. Alleen Moskou wordt helemaal vernietigd o.m. Kroonstad
ook, alleen Leningrad blijft voor een deel staan. Er zijn nog een heel aantal steden die wel
blijven staan.
Vraag: Komen ze niet hier?
Antwoord: Nou ik denk niet dat ze zo ver komen, maar als u me dat nu vraagt, dat durf ik nu
werkelijk niet met zekerheid te zeggen op het ogenblik, dan zou ik het helemaal na moeten
gaan. Ik denk waarschijnlijk komen ze nog niet eens helemaal tot Oost-Duitsland, maar in de
buurt van die grenzen zullen ze wel rond blijven spoken. Trouwens het is helemaal niet zo erg
als u denkt, want tegen die tijd zijn ze wel uitgewoed. Dan komen veel elementen uit Azië naar
Europa toe en die mongolenstorm gaat ook zelfs naar Afrika voor een deel. Ook daar worden
ze deels teruggeslagen. Azië houden ze een paar stukken en dan kunnen we zeggen, dat
leringen die nu daar op dit moment actief zijn, dat die praktisch over de gehele wereld
verbreid worden en bekend worden. Dat wel ja. Ik heb niet zo gek veel tijd meer geloof ik.
Reactie: Ik sta op het punt om aan de bel te trekken.
Antwoord: Ja, dat dacht ik al. Ik denk, laat ik hem even voor zijn. Ik wil nog maximaal één
vraag beantwoorden en dan gaan we sluiten.
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
17
Vraag: Is reïncarnatie een wet?
Antwoord: Reïncarnatie is de uitdrukking van de wet dat elk bewustzijn, dat behaald moet
worden, gebaseerd is op ervaring en een gebrek aan ervaring, het bereiken van een volgende
bewustzijnsgraad onmogelijk maakt. Als zodanig is het een wet. Maar het betekent niet dat
iedereen zonder meer hoeft te reïncarneren en het betekent ook niet dat incarnaties in vaste
periodes zijn vastgesteld. Het betekent, dat incarnatie in wezen een vrijwillige zaak is op
dezelfde manier waarop u vrijwillig eet. U zou ook honger kunnen lijden, maar u brengt uzelf
niet daartoe.
Voor vandaag scheid ik er mee uit. Ik moet nog gaan sluiten. Het schone woord, weten de
meesten wat dat is? Een improvisatie; hebt u een paar woorden daarvoor om het op te
baseren?
Reactie: Wijsheid, eerlijkheid, reïncarnatie en liefde.
HET SCHONE WOORD
Wat ben je zonder liefde waard?
Geen cent, niet in de hemel niet op aard.
Dan ben je slechts ellendeling zoals je altijd bent.
Dat is niet van mij. Laten we het zo zeggen, wanneer men in zich het weten, het inzicht
vergaart waardoor de liefde mogelijk wordt tot al-het-zijnde, is reïncarnatie niet noodzakelijk
omdat het totaalbesef in de totale liefde de eenheid met het Al veroorzaakt.
Is dat goed? Dan zeggen we dat.
Gij met uw weten zijt niet wijs
Want wijsheid is begrijpen van feiten meer dan kennen slechts daarvan zijt gij gevangen in de
ban van wat gij noemt het nuchter feit, ontbeert gij het inzicht in een eeuwigheid
En kunt gij niet verstaan hoe uit de veelheid van de dingen
Die tezaam waan en werkelijkheid geworden zijn
voor u een eeuwig nu, steeds weer zichzelve manifesteert.
Doch zo gij leert het onbeperkte in al opnieuw steeds weer te zien
En te beseffen hoe in het leven
Alles duizendmaal geschreven staat in steeds hetzelfde schrift.
Dan leert gij leven en bemint gij wat het leven is.
Want zijt gij niet een deel daarvan,
En kunt gij zonder liefde voortbestaan, uzelve nog aanvaarden?
De waarden van de eeuwigheid, de waarden van de
het leed dat gij nog ondergaat
Maar of gij u verheugt of lijdt,
steeds weer spreekt in het Al dezelfde eeuwigheid, hetzelfde leven en het leven
dat er is, bemint gij zonder eind.
En zo daarin uw zijn verdwijnt met al wat leeft en al wat is
En in u zal ontstaan het erkennen van het leven ook in alle kracht
En alle machten samen uitgedrukt
Gij zult u gaan gewennen om een te zijn met 't Al en toch uzelf in al als een.
Zo zijt ge dan misschien alleen, Maar het Al spreekt nog in u
En tijd, tijd is misschien de maatstaf waarmee ge nog uw leven meet,
Maar het eeuwigdurend nu is een bestaan, waarin gij al, desnoods de tijd vergeet.
Dan hebt gij waarlijk, gij gaat de eenheid van het zijn beseffen
En kunt u verheffen boven leed en pijn
En zelfs uw vreugd is niet meer 'n Ik ervaren,
Maar het waren van een levenskracht in u erkend als harmonie
Die zich in al weer openbaart, zich tot het zijnde wendt
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum
18
En uit het zijnde put.
Gij zijt dan nog niet een met God,
Maar gij erkent hoe buiten lot en tijd in eeuwigheid al het zijnde is vereend.
Gij verheugt u om te zijn
Dan is uiteindelijk gebroken de keten van het steeds hernieuwd bestaan.
De waan waaruit ge steeds opnieuw als mens weer incarneert
Of steeds weer meent, dat slechts materie of slechts de geest u leert
wat waarheid is.
Versmolten is het al
En daar waar stof en geest tot eenheid zijn gekomen
Daar staakt het ik zijn dromen en ziet zijn werkelijkheid
En ziet, het is een vreugde en kracht nu zonder eind
Omdat de vreugde voortbestaat en het leed, dat men soms ondergaat
slechts alle vreugde onderlijnt.
Wat is en voor u is geweest, zal nimmer meer vergaan
Het goede blijft bestaan.
En wat gij duister noemt is slechts de kracht die ons de waarde van
het goede doet erkennen
En zó aan het zijn nog inhoud geeft.
Dat is zo'n beetje wat ik daar uit kan distilleren. Een beetje filosofie van de Orde ook meteen
daarbij. Zo'n klein lepeltje mag wel. En als ik u nu een raad mag geven, dus ook voor de
komende tijden, is dat misschien wel goed. Wind je nooit op, het helpt zo weinig, maar
verheug je over alle kleine dingen, dan vind je de kracht om de grote dingen, die niet zo
vreugdig zijn, ten goede te keren. Want het is beter uit lijden vreugd te maken één keer, dan
duizend jaar geluk te kennen waarin je zelf geen werkelijk deel hebt gehad.
Zult u daaraan denken in de komende tijd? Dus moed houden, zet 'm op, maak je niet druk! Er
is vreugde, er is positieve kracht. Neem die en laat al het negatieve achter. Probeer het beetje
goed en het beetje licht en het beetje vreugde, dat je hebt, te maken tot de drijfveer in deze
dagen en je zult zien dat in een tijd, die op zich nogal wat verwarringen brengt, allemaal kunt
zeggen; Ja, het was eigenlijk een heel goede tijd.
Dat hoop ik voor jullie allemaal.
Goeden nacht, welterusten, goede huisgang. Precies zoals ik het voor eenieder van u zeggen
moet; Het was mij een plezier bij u te zijn. Ik waag het te hopen dat het althans voor
sommigen wederkerig was. Goeden avond.