ster

Vereniging Orde der Verdraagzamen

een esoterisch – magische bibliotheek

  1. Het werk van onze Orde, ook in verband met andere groepen en andere Orden
  2. Discussie
  3. Het Schone Woord
© Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 1 HET WERK VAN ONZE ORDE, OOK IN VERBAND MET ANDERE GROEPEN EN ANDERE ORDEN Hilversum, 4 september 1967 Goedenavond vrienden, U weet het allemaal; onfeilbaar zijn we natuurlijk nooit, maar van dit onderwerp weten we wel iets af. Als ik u daar een inzicht in wil geven, dan moet ik beginnen met een klein tikje historie. Een hele tijd geleden toen homo sapiens op deze wereld nog een rariteit was - wat ie vanuit geestelijk standpunt vaak nog is overigens! - waren er al verschillende grote beschavingen (het is maar een naam) en in deze beschavingen kwam men al snel tot contact met wat je 'de geest' noemt. Daaruit is voortgekomen een geloof in het hiernamaals, in een voortbestaan, dat later toen dat volk al voor een groot deel weer zijn invloed verloren had - die beschavingen bijna te gronde waren - bij de primitieve stammen is overgebleven als voorouderverering. Hier zien we bij deze eerste groep eigenlijk al een ontwikkeling die we met een beetje wijde blik kunnen beschouwen als het begin van de Orde; alleen was het toen natuurlijk helemaal geen O.D.V. Maar er ontstond een splitsing tussen de mensen die materie en geest als geheel gescheiden waarden gingen gebruiken én degenen die het voortdurend contact tussen stof en geest, ook geestelijke wereld, in stand wilden houden. Daardoor ontstonden twee normen van wijsheid. De eerste was er een van meer materiële geaardheid (en deze ontaarde in - wat men later noemt - zwarte magie, sjamanisme e.d.). De andere groep die wat zeldzamer was, en omdat ze niet zoveel aan de ping-ping en de buit dacht, veel minder invloed had op deze wereld, bleef verder gaan met de geestelijke studies. Daaruit kwamen entiteiten voort die na de overgang belangstelling voor de mensen op aarde bleven behouden, en die een zekere visie hadden op de manier waarop een mens, als totaliteit, het beste kan leven. Deze groepen versterkten zich langzaam aan en we kennen daar weer twee richtingen. De ene richting is wat gewelddadig ingesteld, de andere is ingesteld op alleen harmonie. Waar harmonie gewonnen kan worden, onverschillig hoe, is die harmonie acceptabel, terwijl de andere groep een bepáálde vorm van harmonie wil. Onze voorvaderen horen dan weer tot die groep, die deze harmonie overal wil. Zo gaat de tijd verder, ik zal u niet vermoeien met de hele geschiedenis, want anders komen we via Egypte, de Farao's, Griekenland e.d. tot deze tijd. Zo krijgen we een groep die zich ten doel stelt om de mensen te leren: eerst als het ware elkaar te begrijpen. Dit begrip is noodzakelijk voor een gezonde geestelijke samenwerking, een gezonde harmonie. In deze groepering waarin we dan o.a. elementen vinden uit de hindoewereld, uit de filosofenwereld van Griekenland, Alexandrië, Egypte, ligt eigenlijk de kern van wat later zich hier in uw taalgebied "Orde der Verdraagzamen" noemt. U zult begrijpen dat een dergelijke groep gebonden wordt door het doel. Ons doel is: te beseffen en te doen beseffen dat alles zijn waarde heeft, dat alles zijn betekenis heeft. Wij proberen en dat hebben we al héél lang geprobeerd op veel verschillende manieren, om de mensen te doen inzien dat eigenlijk in alles het goddelijke terug te vinden is, het goede. En dat het niet zo belangrijk is wat je nu voor titels en namen gebruikt, maar dat het er meer op aan komt hoe je dat innerlijk erkende goed in de praktijk kunt omzetten, wat je er mee kunt doen. Dat ging allemaal heel aardig en dat werd vaak gedaan via de mediums; dat waren toen meestal profetessen, priesters e.d. In de middeleeuwen werd het vaak gedaan door sensitieven, die ook een heel grote invloed konden uitoefenen. Jammer genoeg waren veel van © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 2 die sensitieven niet helemaal normaal op den duur. Vooral in de middeleeuwen hebben we te worstelen gehad met het probleem, dat de meeste mediums ofwel geschuwd werden door de gemeenschap (denk eens aan het idee van heksen) ofwel behoorde tot een klasse van beperkt bewustzijn in stoffelijke zin: idioten en zo. Om u een voorbeeld te geven: U weet allemaal wie Savonarola is: dat was een monnik, een hervormer die wilde een heel somber leven in gaan voeren op grond van de godsdienst. De goede man had ook een soort persoonlijke profeet, en die was een medium, maar jammer genoeg was die jongen idioot. De mensen wisten geen onderscheid meer tussen wat hij geïnspireerd zei en wat hij zo bazelde. Het resultaat is èn voor Savonarola èn voor zijn volgelingen èn zelfs voor de geest die daarin werkte, niet al te prettig geweest. Nu moeten we een paar stappen verder gaan. Er komt een eeuw van materialisme. Dat betekent dat de gewone contacten met de mens direct en de directe beïnvloeding en uitwisseling moeilijker wordt. Dat gaat praktisch van 1600 af. Er moet gezocht worden naar nieuwe methoden. De mensen worden wat ontevreden met hun te eenzijdig, te rigide geloof en zo wordt er van vele zijde een poging gedaan om niet alleen maar de materiële inwijdingswegen open te houden, integendeel, die gooien ze zelfs dicht, maar om via de fenomenen die men in het spiritisme vindt weer de mens te benaderen. De O.D.V. heeft zich dan gegroepeerd en zij treedt in haar huidige vorm, maar onder veel verschillende namen (dat wil ik u wel zeggen) op vanaf rond 1870 en heeft ook deel in de ontwikkeling van het spiritisme. Maar het blijft allemaal bij een soort fenomenologie; daar hebben we geen interesse voor. In Nederland beginnen we - als ik me niet vergis - in 1912 te werken en we weten rond 1916 eindelijk een medium te vinden en een groepering, waarin we onze lering kunnen uitdragen die (het was in Amsterdam, geloof ik, in ieder geval in een van de grote steden) een tijdje goed loopt. Het medium wordt dan ongeschikt, de groep valt uit elkaar. Ergens anders stichtten we weer een groep en voeren die weer op. We houden dezelfde naam bij en zo komen we via verschillende mediums en verschillende groeperingen als het ware daarom heen, tot de huidige vorm van de O.D.V.; Orde der Verdraagzamen, voor het Nederlands taalgebied, maar bv. voor een bepaald deel van Amerika 'Fraternity of Light'. We hebben nog meer namen. Wat doet deze groep? Zij bestaat uit een in verhouding tamelijk groot aantal entiteiten in de geest, van zeer verschillend niveau, die allen proberen om harmonie en begrip op de wereld te bevorderen. Zij kiezen daarvoor een weg die niet religieus is. Wij zijn niet antireligieus - begrijp ons goed - maar wij willen ons losmaken van de vooropgezette principes van het kerkelijk, het dogmatisch christendom, het dogmatisch boeddhisme, hindoeïsme enz. Daarom beginnen wij een werk dat meer en meer het karakter krijgt van een soort geestelijke volksuniversiteit (vergeef me de term). Nu zijn er een hele hoop groepen die het - in deze benaderingswijze - niet met ons eens zijn. Dat moet u goed onthouden. Wanneer wij hier komen babbelen (ik praat nu over onze eigen groep) en wij spreken bv. over de vierde dimensie, dan zijn er een hele hoop groepen die zeggen: ach, wat moeten die mensen daarmee? Daaraan hebben ze niets, leer ze hoe ze God kunnen vinden. Goed, maar de moderne mens vindt God vaak via de raadselen die Zijn materiële en technische wereld omgeven. Of wij spreken bv. over de mogelijkheden van paranormale genezing. Dan zijn er andere groepen die zeggen: ja, maar dat moet je doen uit een gezag. Daar moet je niet over praten, dat moet je eenvoudig tot stand brengen via een medium. Wij zijn het daar dan weer niet helemaal mee eens. Wij zeggen; ja, goed doen, maar vooral leren begrijpen! Op deze manier zijn we dan gekomen bij die Orde van vandaag. De Orde omvat op het ogenblik, als ik alles bij elkaar reken en dat is in de laatste tijd nogal uitgebreid, 157 groepen. Nu moet u wel begrijpen dat het Nederlands taalgebied bv. omdat daar één medium en één organisatie is, door ons als één groep wordt gerekend. Er zijn 157 verschillende besturen met mediums, geïnspireerde sprekers e.d. die direct vanuit de O.D.V. worden geïnspireerd, worden geholpen. Die groepen zijn op dit moment hoofdzakelijk in twaalf landen werkzaam, ofschoon enkele groepen ook weer verder zijn. Als we alle landen bij elkaar © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 3 rekenen waar we iets doen, dan zijn het er 47. Maar je houdt de haast niet bij; ze maken tegenwoordig zoveel nieuwe staatjes. Dus het is nog maar een klein percentage. Nu komt er ongeveer (en nu moet ik even denken in jullie tijd) in 1957 een ontwikkeling van bepaalde kosmische omstandigheden die ons doen inzien dat het niet meer voldoende is alleen op onze eigen manier te werken. De O.D.V. die zeer vriendschappelijke relaties heeft met een hoop andere groepen en zeker ook met de praktisch overkoepelende organisatie van de Witte Broederschap, besluit zich als het ware in te voegen in het werk van de Witte Broederschap. Daardoor komen lichte veranderingen in ons werk die nu ongeveer twee, drie jaar direct uitwerken. Het heeft ook een voordeel want spreken door een medium, inspiratief beïnvloeden, het helpen van mensen, is natuurlijk niet voor iedere geest even gemakkelijk, maar in verband met anderen gezamenlijk een poging doen om iets bij de mensen te bereiken, maakt het voor een veel groter aantal geesten, mogelijk om actief te zijn. Zo begint de Orde deel te hebben aan allerhand acties die ten doel hebben het verloop van gebeurtenissen in landen te beïnvloeden, waarschuwingen te geven wanneer bepaalde gebeurtenissen dreigen, rampen te beperken en al wat daarbij hoort. Gelijktijdig wordt onze actie gericht op wereldvrede vanuit de Witte Broederschap. Op die manier kun je zeggen zijn we praktisch vanaf 1959 werkzaam (ik hoop dat ik die jaren goed heb), waarbij we eerst werken op de kroonjaren 1961/63 die erg gevaarlijk kunnen zijn voor de mensheid. (Medium moet zich hier vergist hebben in de jaartallen). Er wordt van onze kant steeds meer gewerkt in overeenstemming met de kosmische invloeden, die voor een deel onder de Heren der Stralen vallen, en wij krijgen daardoor ook steeds meer verplichtingen als het ware tegenover andere groepen. En omgekeerd zijn er een hele hoop andere groeperingen die ook weer hun eigen naam en hun eigen denkbeelden hebben, die ergens met ons samen gaan werken. Dat ontstaat niet alleen door het uitwisselen van sprekers, maar vooral door een poging om overal, in elke groep binnen zijn eigen begrip en mogelijkheden en in de tendens van die groep, bepaalde waarheden te brengen. Dat lukt heel aardig. De Orde zelf besluit op grond van alles wat er zich zo op de wereld ontwikkelt, om er een voorlichtingsdienst op na te gaan houden, een soort geestelijke B.V.D., alleen dan niet zo...... nu ja, praten we niet over. Deze informatie wordt niet zo direct gegeven, maar we lichten de mensen voor over wat er gebeurt in landen waarover ze te weinig voorlichting krijgen of verkeerde voorlichting. Wij proberen hun duidelijk te maken dat het standpunt van een partij die zij aanhangen, niet noodzakelijk het enig juiste standpunt is, zoals dat in de situatie Israël- Arabië is geweest. Wij proberen de mensen te doen begrijpen dat de tegenstellingen niet voortkomen uit de noodzaak om elkaar te bestrijden, maar uit aller hand illusies en waanwijsheid. Zoals we de mensen proberen duidelijk te maken dat grenzen uiteindelijk maar dingen zijn die mensen over een landkaart trekken. Wij proberen te overkoepelen, te laten zien dat een goed boeddhist vaak een veel beter christen is dan menigeen die zich nadrukkelijk christen noemt. En omgekeerd proberen we te laten zien dat wat Jezus leert zeker niet alleen Zijn leer is, maar dat we dat overal terug kunnen vinden omdat er één alles overkoepelende waarheid is. Dan kom je aan de vraag; wat doen jullie? Nu, als ik een lijst moet gaan maken.... wanneer ik jullie moet gaan vertellen wat we op het ogenblik doen, dat is een hele reeks, een hele rij. Maar het is misschien aardig omdat het een toelichting geeft ten eerste voor wat de geest doet op deze wereld zo nu en dan en in de tweede plaats ook voor de samenwerking die er bestaat. Zo zijn op het ogenblik een aantal van onze ordebroeders actief bezig in China. Zij worden daarbij geholpen en geleid ook voor een groot deel door leden van de Witte Broederschap, maar we vinden daar o.a. bij de 'Broederschap van het Kruis' - vrij vertaald allemaal deze namen! - de 'Zusteren van Liefde', de 'Verkondigers van de Wereldheer' en nog een hele hoop andere. Er is hier een samenwerking van veertig tot vijftig verschillende grotere groepen uit de geest die leren de zaak zó te schuiven, dat een wereldoorlog vermeden kan worden, en gelijktijdig trachtend - om door het strenge dogmatisme heen van de mensen - iets van een geestelijk aanvoelen weer tot stand te brengen. © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 4 In Rusland zijn ook een groot aantal groepen werkzaam. En van onze eigen Orde zijn er drie groepen in de materie (overigens beperkt en zogenaamd geheim). We hebben daar verder contact met een aantal geestelijke groepen en werken samen. Maar ook hier weer in coördinatie met de Witte Broederschap. In de Verenigde Staten zijn een aantal van onze broeders ook bezig. We hebben daar een betrekkelijk groot aantal centra; we hebben daar liefst zeven onafhankelijke groepen, die niet direct in de stof met elkaar in contact staan en we werken samen met allerhand, ook inspiratief werkende, groeperingen o.a. om te voorkomen dat er een te grote burgeroorlog uitbreekt. Er mogen onlusten zijn, want anders zou Amerika misschien uit angst voor zijn prestige in de wereld een paar stappen te ver gaan, maar in ieder geval moeten we toch proberen daar wat te doen. In Japan werken wij zelf maar met één groep in de buurt van Kobe, maar we hebben daar wel een enorm aantal groeperingen van geestelijke geaardheid waarmee we samenwerken. Ik meen, dat er daar op het ogenblik alleen al zeventien, hoofdzakelijk uit het Japans denken voortgekomen, groepen zijn. Er zijn dan een kleine veertig groepen meestal verwant met Zen, in denken en daarbij komen ook enkele christelijke groepen. Die werken daar momenteel gecoördineerd samen om te voorkomen dat een bepaalde groepering, die naar de macht grijpt en een beetje op de wip zit om eigenlijk vandaag of morgen een oorlog te beginnen (vooral wanneer Rusland en China slaags zouden raken in Mongolië, en dat is helemaal niet denkbeeldig dat ze proberen Mantsjoekwo en Sachalin weer te bezetten) en daar dus proberen om er weer land bij te winnen, want dat zou fatale gevolgen kunnen hebben. Zo ben je over de hele wereld bezig. Wat stellen wij ons nu voor daarmee te bereiken, want dit onmiddellijk stoffelijk ingrijpen is uiteindelijk maar zorgen, dat de bom niet te hard schommelt, dat de menselijkheid van de mens niet over boord slaat. Dan kun je zo zeggen: we weten dat de mensheid zich in een crisisperiode bevindt, in een tijd van overgang, om met de astrologen te spreken. De invloedsperiode van Algol is buitengewoon sterk. Zal het komende jaar o.a. (met Saturnuswerkingen daarbij) nogal veel tot stand brengen en dat is een ongeveer een vijfjarige periode, omdat een Algolinvloed, die loopt praktisch van oppositie tot sextiel, ongeveer vijf jaar duurt. Een astroloog kan dat begrijpen. Het komt er op neer: er zijn bepaalde demonische en dierlijke invloeden die op deze wereld worden afgevuurd. Daarbij zijn versnelde oorzaak- en gevolgwerkingen aan de gang en kosmisch gezien moet de mensheid zich nog weer aan gaan passen aan een nieuw patroon van leven en denken. Wanneer die mensheid daarop niet voorbereid is dan heb je een heel grote kans, dat ze een groot deel van haar stoffelijke mogelijkheden vernietigt. Dat is nu precies wat wij uit den boze achten, waaraan we iets willen doen. Wij proberen om de mensen wat ruimdenkender te maken. We proberen ook de mensen logisch te laten denken, maar dan met een logica die niet blijft staan bij het eenmaal gestelde. Een niet axiomatisch denken, maar dat toch wel actueel is, een zelfstandigheid van denken. De mens die een ander voor zich laat denken in deze tijd is het slachtoffer van allerhand trucjes met de massa en daardoor weer van de (al dan niet besefte) machtsdrang en machtswellust van personen, van groepen enz.. We proberen een zeker bewustzijn te wekken, we worden daarin bijgestaan door vele andere groepen die - althans in dit opzicht - ons streven met ons delen én we vinden daarnaast een verwantschap van werken met bv. in Nederland, bepaalde christelijke groepen die vanuit ons standpunt wel eens de zaak te simplistisch bekijken, te kinderlijk, maar die met hun beroep op het geloof van de mens toch ook die mens weer de sleutel geven tot een geestelijk beleven. Daarnaast proberen we waar het mogelijk is hier en daar de mens wakker te schudden voor zijn eigen contact met de geest. Want wat vroeger is geweest, kan weer komen. De mens kan weer leren leven in een wereld waarin iemand, die op aarde dood heet, niet meer verdwenen is, maar alleen een invloed is geworden die je op een andere wijze in jezelf ervaart. Op deze manier kan de mens langzaam maar zeker zijn hele plan van leven gaan veranderen. Want u zult wel begrijpen dat er op aarde een hele hoop dingen zijn, die we wel heel erg eigenaardig vinden(kolderiek!). © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 5 Wat is nu het directe doel dat wij bij onze opvoeding voor hebben? Nu hoop ik dat u niet schrikken zult. Wij willen de mens afbrengen van zijn sociale gebondenheden en de daarmee gepaard gaande groepsgewijze schisma's. We willen de mens terugbrengen tot een individueel leven, met een persoonlijke verantwoordelijkheid, een persoonlijke vrijheid en een persoonlijk bewustzijn. Een mens die God erkent, die desnoods met anderen samen op zijn wijze God eert en dient, maar beseft dat nimmer een eredienst of een groepering in de plaats kan treden van het persoonlijk contact met het Hogere, met God. Wij hopen die mensen dan verder wakker te roepen voor de invloeden die rond hen zijn, die vaak zo gemakkelijk aan te voelen en af te lezen zijn, wanneer je maar een beetje - wat elk mens in feite heeft - je gevoeligheid daarvoor leert gebruiken. Zodat de mens weet als het ware: dit is een tijd waarin driften de boventoon voeren, hier moet ik voorzichtig zijn. Of hij weet; nu komt een tijd dat we allemaal terneergeslagen en lusteloos zijn, nu juist moet ik mijn geestelijke veerkracht, mijn weerstand inzetten, moet ik uit geestelijke waarden mijn kracht gaan putten om op die aarde licht te geven waar iedereen duister ziet. Wij willen de mens proberen zo ver te brengen dat hij komt tot een gemeenschapsbestaan dat niet bepaald wordt door eigendomsrechten bv. en waarbij zelfs het voortbestaan in de materie onbelangrijker wordt dan het juiste bestaan volgens eigen besef in de materie. Dat is een werkje waar we voorlopig nog wel mee opgeknapt zijn. Het eerstvolgende van het werk is de praktische voorlichting. We zijn daarmee ongeveer anderhalf tot twee jaar mee bezig, ook ten aanzien van de z.g. occulte en magische onderwerpen, waarbij occult en magisch alleen maar betekent dat de mens er met zijn verstand nog geen touw aan vast kan knopen, omdat hij te stom is om te begrijpen dat de dingen, die hij niet begrijpt, even reëel zijn als de dingen die hij denkt te begrijpen en niet begrijpt. Neemt u me niet kwalijk, maar het komt voor. Wij willen proberen om die mensen eerst te helpen een evenwicht te vinden; dat evenwicht zal door sociale crises, door een sterk revolutionaire periode tot bijna 1975 heen moeten worden behouden. We moeten voorkomen dat de mensen zich te veel mee laten slepen. Je bent persoonlijk aansprakelijk. Het gaat er niet om wat de groep, de partij, de kerk, het land of de krant of de tv. zegt, het gaat erom wat jezelf als juist ervaart. Het gaat er niet om wat men je zegt dat je zou moeten doen in Zuid-Amerika, maar wat je doen kunt waar je zit; of dat nu Bussum, Laren of Hilversum is, of voor mijn part Timboektoe. De mens moet zelf vanuit zich actief zijn. Hij moet zo weinig mogelijk van zijn verplichting tegenover de medemens delegeren. Hij moet daarbij bereid zijn om aan ieder de vrijheid te geven te leven zoals hij het goed vindt. Hij moet af van denkbeelden als bv. een verdoeming als straf voor zonde. Het klinkt misschien gek, dat ik dit zo zeg, maar heel veel mensen leven goed, niet omdat ze weten dat het goed is, maar omdat men hun zegt dat ze anders in de eeuwige braadkeuken terecht komen. U begrijpt wel dat we daar absoluut fouten gaan maken. Want als ik morgen tegen u zeg, dat ieder die patat eet in de hel zal komen, dan lachen de meeste mensen, maar als ik het lang genoeg volhoud zijn er mensen die het gaan geloven. Die eten geen patat meer. Begrijpt u? Dat is kolder! Je moet de mens leren dat zijn harmonisch-zijn met God of niet-harmonisch-zijn met God, het énig bepalende is. Niet of je naar de kerk gaat, maar of je God beseft is belangrijk. Niet of je bidt met woorden of met daden of eigenlijk je het niet eens bewust bent dat je bidt en bidt door te leven, dat maakt niks uit, maar er moet een contact zijn met het Hogere. Om de mensen dat te leren moeten we in die eerste periode vooral steun geven. We moeten de mensen leren dat het allemaal zo erg niet is, dat het anders kan. Wanneer we dat gedaan hebben dan krijgen we een periode van weer een jaar of tien, twaalf. We schatten dat zo, ik weet niet precies op de dag af, waarbij we moeten rekenen met een voortgang van die opbouw, die tussen die revolutie en die rommel door aan de gang is. En dat betekent dat we de mensen moeten leren op een nieuwe manier te reageren en samen te leven. En u zult begrijpen dat onze Orde daar bepaalde opvattingen over heeft waar anderen het niet mee eens zijn. © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 6 Laten we bv. zeggen.... de kwestie van de pil doodgewoon. Wat dat betreft zijn er in de geest heel veel opvattingen, maar een ding weten we allemaal in de geest: zolang de mensheid denkt en goed meent te leven zoals ze nu doet, is een uitbreiding van de wereldbevolking met dit tempo niet aanvaardbaar. Niet alleen omdat daardoor steeds meer eerste incarnaties voorkomen, maar ook omdat de mensen daardoor worden teruggedrukt in een mechanisch bestaan, waarbij een groot deel van de waarde van het menselijk bestaan teloor gaat. Wij zeggen dus: die pil is goed. Anderen zeggen: nee, dat moet je niet doen. Sommigen zeggen: beheersing. En weer anderen zeggen: door je geestelijke instelling kun je het bepalen. Ieder moet dat voor zich weten. Wij denken wat dat betreft bv. dat het het beste zou zijn wanneer de mensen het idee van sexualiteit, liefde en ook het voortbrengen van kinderen als drie gescheiden waarden zouden beschouwen, en daarbij het kind zouden beschouwen als iets dat met de meest juiste geestelijke instelling en de meest gunstige kosmische condities moet worden begonnen en voortgezet. Wij hebben daar allemaal zo onze ideeën over. En we hebben bv. heel veel verschil van mening ten aanzien van het christendom. Er zijn veel groepen die zeggen: maar de leer van Christus is de beste die er is op het ogenblik. Dat geef ik graag toe. Maar het is niet de enig goede leer. Er zijn een hele hoop mensen die met dat christendom alleen niet uit de voeten kunnen, zolang de mens niet dogmatisch is. Dat bestrijden wij. Juist dat dogmatisme. Kan hij, of hij nu christen is of wat anders, groeien naar die éne waarheid? En die éne waarheid is gebaseerd op: erken de God boven alles en de weerspiegeling van God in al wat rond u bent en leef met die God in volledige harmonie. Dat is het enige, dat is de grondwaarheid. Die grondwaarheid prediken, dat doen wij op onze manier. Anderen zeggen: maar het christendom geeft ons het beste, dus we moeten dat christelijk doen. Weer anderen zeggen: maar we moeten rekening houden met de wijsheid van het Oosten, die inderdaad in deze tijd weer opbloeit, laten we dus de meer Oosterse benaderingswijze nemen. Maar daar heb ik geen behoefte aan. Bij ons dus niet. Wij menen dat alle dingen goed zijn zolang wij in iets God kunnen vinden en dat is bijna overal, om niet te zeggen, overal is het goed zolang we het op de juiste manier benaderen. Dan wilt u misschien cijfers hebben. Ik voor mij houd niet van cijfers omdat ze op het ogenblik op aarde gebruikt worden om op de meest deskundige wijze overtuigend statistisch te liegen. Maar er zijn mensen die willen het graag weten. De samenwerking met de O.D.V. onder de Witte Broederschap omvat op het ogenblik ongeveer 600 verschillende groepen uit de geest. Het zijn er een paar minder, maar globaal. Zij omvat verder directe samenwerking door middel van sprekers, dus in spiritistische zin, over deze gehele wereld met 192 verschillende groeperingen. Let wel, dit betekent niet kringen, maar groepen; groepen met een vaste instelling. Wij werken op aarde samen op dit moment met (dat kan ik wel nauwkeuriger bepalen) 237 mediums waarmee wij voortdurend contact hebben; hieronder te verstaan, personen die volledig inspiratief spreken zowel als half trance en diep trance. Daarnaast werken wij inspiratief samen met ongeveer - van onze groep uit - 3500 personen. Het kan iets meer, het kan iets minder zijn; dat kun je nooit bijhouden zo iets, dat komt, we hebben geen rekenmachines! Laten we God loven! Wat onze Orde denkt? We hebben natuurlijk een beginselverklaring voor u vastgelegd en die zal aan de leden zeker bekend zijn. Maar om het heel eenvoudig te zeggen; wij gaan uit van het standpunt dat de waarheid Gods op vele wijzen op aarde bekend is gemaakt en dat het deze waarheid is en niet het systeem waarin dit tot uitdrukking komt, welke van belang is. Wij geloven dat alle mensen gelijkwaardig zijn in hun mogelijkheden en dat geen ras, huidskleur of godsdienst, maar slechts instelling en geestelijke waarden bepalend zijn voor eventuele verhoudingen tussen mensen. Wij menen dat alle systemen waarbij verantwoordelijkheid van de eenling naar de gemeenschap wordt overgedragen uit den boze zijn, daar zij een onverantwoordelijkheid - niet alleen materieel maar ook geestelijk - bij degenen teweegbrengen die zich hierdoor zeker menen te weten. © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 7 Wij zijn niet tegen strijd zolang deze geestelijke waarden omvat en erkennen de noodzaak van stoffelijke strijd, maar zullen trachten deze en haar gevolgen waar mogelijk te beperken. Wij menen dat alle op aarde bestaande kennis slechts een zeer klein deel omvat van de werkelijke fenomenen die op aarde bestaan, en wij menen bovendien dat de materieel beschikbare kennis veelal door eenzijdigheid van beschouwing tot misvattingen en illusies voert. Vanuit dit standpunt geredeneerd, leeft de mens in een wereld van illusies. Dit betekent volgens ons niet dat zijn wereld niet werkelijk is. Wel dat hij de waarden die daarin bestaan, slechts zelden ziet zoals zij zijn. Wij menen dat het noodzakelijk is de mens te brengen tot een vertrouwen in zijn eigen en onvergankelijk bestaan tot een begrip van zijn verbondenheid met een hogere kracht, onverschillig hoe je deze wilt definiëren, en hem te leren dat hij door zelfstandig werken, denken en streven kan komen tot een zodanige harmonie met het totaal van eigen wezen en daardoor met het totaal-zijnde, dat ons ingrijpen en inwerken overbodig is. De Orde werkt in feite om zich in haar huidige vorm en structuur overbodig te maken. Dat zij hierin niet altijd volledig slaagt is ongetwijfeld mede te wijten aan de fouten die ook zij maakt, want de Orde is niet volmaakt. Het is anderzijds te wijten aan het feit dat wij uit zeer velen moeten zoeken naar de enkeling, die begrip heeft voor de geestelijke waarden. Want wij kunnen de mens wel de weg wijzen, maar je zult hem zelf moeten laten gaan. Juist omdat we daarvan overtuigd zijn, geven we alle steun aan de Witte Broederschap en haar streven om het bewustzijn van de mensheid te verhogen en de historie van de mensheid althans zodanig te beperken of te leiden dat een voortdurend klimmen van bewustzijn mogelijk is, waardoor elk nieuw ras ook steeds hogere geestelijke waarden en mogelijkheden kan omvatten. Een heel verhaal en het is erg pretentieus als je het zo hoort. Maar let wel, wij pretenderen helemaal niet dat we dat allemaal waar zullen maken. Alleen kunnen we dat zeker niet, maar met de hulp van al die hoge krachten, die in een soortgelijke richting werken - zij het misschien met een veel groter overzicht van de noodzaak en de mogelijkheden - kunnen wij iets bijdragen. Dat is misschien het belangrijkste. De Orde wil niet zijn een enige waarheid of een geloof zelfs maar. Zij wil alleen zijn een mogelijkheid voor de mens om te komen tot persoonlijk inzicht, tot persoonlijk bewustzijn. En om dat tot stand te brengen tracht zij de mens niet alleen voor te lichten over de materiële omstandigheden, maar daarnaast ook omtrent vele dingen die eigenlijk te veel vergeten zijn, zoals de mogelijkheden die in de mens schuilen (die men vaak magie noemt), de mogelijkheden tot contact met levende krachten op een ander dan menselijk niveau. Wij trachten de mens te helpen zijn ontwikkeling te bereiken zo goed wij kunnen. En overal waar wij zien dat men in die richting streeft, zullen wij medewerking verlenen. Slechts waar o.i. de eenzijdigheid van de mens te sterk bevorderd wordt zonder dat daar enige compensatie tegenover staat, daar, geachte vrienden, trachten wij tegen te werken en dan zal die tegenwerking nog alleen plaats vinden wanneer, binnen het kader van de werkzaamheden van de grote Witte Broederschap, daartegen geen bezwaar bestaat. En wat blijft me nu nog over om te vertellen? 0 ja, u wilt natuurlijk nog weten van welke sfeer wij wel komen, dat weten de mensen altijd graag. Net alsof ze zeggen: ja, als je nu een loopjongen bent, dan kunnen we onze neus ophalen en voorbijgaan, maar als je vertelt dat je directeur bent, is dat wat anders. Nu is er een ding dat zeker is. Een enkele helderziende kan beseffen wie en wat we zijn, die kan onze uitstraling waarnemen. De meesten van u kunnen dat niet. U hebt dus geen controle. We kunnen alles zeggen wat we willen maar ik geef u, en dat moet u maar vertrouwen dat ik eerlijk ben, en ik ben het, hoor, maar vertrouwt u er nu maar op, en als u denkt: nu, het klopt niet, gooi het dan opzij. Een aantal van de hoogste entiteiten behoren tot de leiding van onze broederschap. Daaronder zijn geen grote geesten als bv. de grote heren als Jezus, de verschillende grote Boeddha's, Maitreya e.d., die dus niet. Deze behoren tot een veel hogere orde. Maar degenen onder ons die in de top verkeren, behoren over het algemeen wel tot de zogenaamde sfeer van het Witte Licht. Dat impliceert dat zij ontgroeid zijn aan vormbewustzijn en noodzaken tot persoonlijk © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 8 onderscheid zoals een mens en de meesten van ons dit kennen. Van daaruit breidt zich a.h.w. de Orde uit via alle lager gelegen sferen tot de Zomerlandsfeer. Daaronder zijn geen me- dewerkers ofschoon wel vanuit de geest gewerkt wordt in lagere sferen. We werken natuurlijk niet alleen op aarde. En zo goed als bij een auto-ongeluk de eerste de beste garage afsleept, zo zal een lid van de Orde zeker een overgaande geest, die om de een of andere reden niet voldoende contact kan krijgen met degene die hem komt afhalen, helpen als hij denkt; ik kan dat doen. Wij zullen om dezelfde reden trachten degenen die in half duister, in schaduwland, in de mist zitten, om die te helpen wanneer ze er rijp voor zijn, tot het licht te komen. Wij houden ons zelf niet bezig met het organiseren van bv. reddingsacties, dat ligt buiten ons direct bereik. Maar we zullen helpen om een eventuele goede en controlerende geest als het ware in contact te brengen met daarvoor rijp zijnde groepen en ook via geestelijke wegen zullen we trachten degenen (die rijp zijn natuurlijk) naar het licht te brengen. Zelfs in de duistere sferen wordt nog gewerkt om degenen die daar toch van beter bewustzijn zijn, althans een nieuwe incarnatiemogelijkheid te geven. We doen dus heel wat, maar we doen nog lang niet genoeg. Dat komt omdat we - buiten misschien de allerhoogste van onze Orde - allemaal maar ergens falen, omdat we het nog niet helemaal juist en precies zien. Niet zo volledig in staat zijn alles gelijktijdig te beseffen dat we ook alles wat nodig is, kunnen doen. Dat is de geschiedenis van onze Orde. Dat is eigenlijk wat we zijn en wat we willen. Nu kan ik me voorstellen dat u denkt: nou ja, die ouwe die kletst me daar weer een mooi eind weg. Maar wat ik u gezegd heb, is eigenlijk wat u wilde weten, waarover u dadelijk ook nog wat kunt vragen als u wilt. Onthoudt u alleen een ding: of u nu bij de O.D.V. behoort of ergens anders bij, of het deze naam heeft of die, is eigenlijk niet belangrijk. Wat ons verenigt met zoveel andere groepen in de geest, wat ons één doet zijn- met schijnbaar onverenigbare groeperingen zelfs met een heel ander denken - is het begrip van een God, van een Eenheid die alles te boven gaat. Onze drijfveren zijn niet zonder eigenbelang. Misschien denkt u dat we dat allemaal doen uit liefde voor u. Nee! We doen het uit besef. U bent allemaal een beetje deel van hetzelfde waarvan wij deel zijn. Stel je voor dat je pink zou zeggen: nou vertik ik het, ik doe het niet meer, want ik ben mezelf. Dat zou dwaas zijn, hij hoort bij het lichaam, hij moet met het lichaam functioneren, hij wordt er uit gevoed en zo gaat het met ons. U bent een ander deel van het zelfde lichaam. U bent een deel van de goddelijke uiting en dat - binnen deze vorm - mensheid of mens genoemd wordt. Deze bepaalde weg van bewustwording is deel van ons allemaal. Wanneer wij door onze schuld of door onze traagheid iemand te gronde laten gaan die tot onze weg behoort, dan verliezen wij onze eigen weg, dan is het ook voor ons niet zo makkelijk om te stijgen. Dan wordt de wereld voor ons een beetje donkerder, dan komt er een wolkje voor de zon. Geluk bestaat juist uit het gezamenlijk opgaan. En naarmate je dat meer beseft, zul je meer met anderen samen gaan. Dan mag je een eigen mening hebben, een eigen manier van denken en werken en misschien een bepaald idee omtrent je eigen importantie, maar eigenlijk doet dat niet ter zake. Belangrijk is dat wat ons verenigt, niet wat ons scheidt. Belangrijk is hetgeen waarin wij harmonie vinden, niet die disharmonische punten. Vanuit de harmonie kunnen we de disharmonie langzaam maar zeker onderdrukken. Uit de disharmonie kunnen we nimmer de harmonie tot stand brengen. Dat is - ook voor u, niet alleen voor ons - in het leven eigenlijk hetgeen waar het op aan komt. U mag leven zoals u wilt. Niemand van ons zal u dat kwalijk nemen. U mag denken zoals u wilt. Niemand van ons zal u dat kwalijk nemen of zeggen dat u anders moet denken, maar we hopen wel dat u in de manier waarin u leeft, door de wijze waarop u denkt, dat u iets vindt van dit idee van verbondenheid met allemaal. Er i s geen echte grens. Er is alleen maar die grens die wij maken door onze persoonlijkheid als het ware te begrenzen. Zoals er voor de meesten van ons alleen grenzen gesteld kunnen zijn door ons eigen begrip omtrent kunnen. Dat klinkt wat vreemd in de stof - weet ik - maar geestelijk heb je enorme krachtbronnen; die worden nooit gebruikt omdat je denkt dat het niet kan. Dit zoeken naar het geluk, het ultieme © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 9 misschien, dat is onze reden van werken. Dat we daarbij steeds meer beseffen dat we deel zijn van u, en dat u deel bent van ons ergens, dat is geen verdienste. Dat is alleen besef van het Hogere, van het Grote. En al die verschillende graden en rangen waarin, u ons zou willen verdelen, vallen daarom ook eigenlijk weg. Er is een groot bewustzijn dat ons beter begrijpen kan, en er is een kleiner bewustzijn dat wij beter kunnen begrijpen dan het ons begrijpt. Er is onze worsteling om iets te zeggen wat het kleinere begrijpt, en onze worsteling om de eenheid te kunnen delen met het Hogere, waar we nog niet voldoende begrip voor hebben. Dat is juist leven. Leven, vrienden, daarmee wil ik dit betoog besluiten al hoort het eigenlijk niet bij het onderwerp, leven, dat is uit de vele tegenstellingen te zoeken naar die synthese waardoor het 'ik' harmonie erkennen kan in het bestaan; een steeds meer omvattende harmonie beseffen kan op alle terrein, en hierdoor een steeds grotere verbondenheid kunnen gevoelen met een totaliteit die onvoorstelbaar is, maar die we ergens toch aanvoelen als onze enige werkelijkheid. Dat leek nou bijna op een preek, maar ik wou het zo graag ook zeggen. Nu hebt u het wel allemaal gehoord. Denk er eens over na! En als u nu informaties wilt hebben dan kunt u die krijgen van mij met één uitzondering - dat moet u me niet kwalijk nemen, daar hebben we onze redenen voor - wanneer u mij gaat vragen of er in Australië, Zuid-Afrika, Venezuela, Argentinië, Canada of ergens anders een groep van ons werkzaam is, dan zal ik daarop geen antwoord geven. Ik zal u ook niet vertellen waar en hoe u die vinden kunt, want de banden die wij geestelijk bezitten, zijn voldoende. Zouden materiële banden op aarde ontstaan, dan zouden wij juist hierdoor in vele gevallen in ons materiële werk sterk worden belemmerd en zouden we niet meer de mogelijkheid vinden om in alle landen actief te zijn. Dus daarop mag ik geen antwoord geven. Al het andere graag. Maar opdat u in de gelegenheid bent eerst te formuleren wat u misschien zou willen vragen, gaan we nu eerst pauzeren. En mag ik u hierbij voorslaan om, als u werkelijk iets belangrijks te vragen hebt, het even op te schrijven? Want het is gek, als een mens een vraag moet opschrijven dan komt hij tot een synthese in zichzelf, omdat hij het zo kort mogelijk moet doen, maar als hij iets moet vragen praat hij meestal zoveel, dat hij alles vraagt behalve wat hij had moeten vragen. Dus als het kan graag schriftelijk. En als we tijd over hebben en u hebt een andere vraag, dan ben ik heus niet zo dat ik zeg; dat heeft er niks mee te maken en daar geef ik geen antwoord op. We sluiten, als er tijd over blijft, ook wel weer met een beetje improvisatie. U kent het allemaal, het zgn. schone woord. Dus daar moeten we ook nog wat tijd voor over houden. En als ik de tijd uit het oog zou verliezen dan hoop ik dat er officiële instanties in de materie de klok in de gaten willen houden en daarbij dus ook mij. Vrienden, ik wens u een aangename pauze toe en ik hoop dat u in dit gezellige praatje dus toch wat mee informatie hebt opgedaan omtrent de Orde, haar relatie met andere geestelijke groepen, haar werk en haar denken. Tot straks! DISCUSSIE Zo, vrienden, ik hoop dat u ondertussen wat uitgerust bent van de eerste wandelpartij dan kunnen we nu eens gaan kijken wat u in onze Orde zo belangrijk vindt. Graag eerst de schriftelijke vragen maar even, dan kunnen we altijd nog zien wat er nog meer is. Vraag: Hoe is de eerste "oer-huiver" bewust geworden en daarmede een God c.q. Almachtbegrip? Antwoord: Ja, hoeveel tijd heb je? Dat is een hele geschiedenis. Maar laat ik het heel kort vertellen. Het is zo: het eerste contact, het directe en tamelijk bewuste contact met een © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 10 groepsgeest, vinden we bij de verre voorvaderen van de mens in de tijd dat ze nog amfibisch zijn; dus zeg maar, in de tijd voor de warmbloedige. Die leven dan in kustmoerassen en die kennen daar al een primitieve, een soort altaar, een soort beverdam, dat idee, waar een uitstraling zichtbaar wordt. U begrijpt wel dat toen de primitieve mens kwam, zodra hij in gemeenschap leefde, dat waren gemeenschappen die uiteen liepen van twintig tot honderd man, meer waren dat niet. Toen had men dat gebruik van deze, meestal uit aarde opgeworpen altaren, rotsteen werd ook wel gebruikt daarvoor, daar kwam men samen en zag men inderdaad iets. Dat werd dan beschouwd als een orakel en daaruit kwam het begrip van hogere machten. Of je dit een Gods begrip mag noemen, weet ik niet precies, in ieder geval komt men daardoor tot het begrip van een voortbestaan en van hogere krachten, sterkere wezens dan jezelf bent en zoals ik dat in mijn onderwerp al zo'n beetje heb gezegd, gaat dan langzaam over in een voorvaderverering en later gaat het over naar een soort fetisjisme. Als we dat in periode moeten bepalen, dan zou ik zeggen, die periode waarin men bewust in een - op de mens van heden enigszins gelijkende (het ligt tussen het semiaans en het menselijke in - vorm met dergelijke entiteiten communiceerde, dan kun je dat stellen op ongeveer 2.400.000 jaar geleden. De mensheid is tamelijk oud, hoor, maar in die tijd is er van een bewust verkeer met mensachtigen sprake. Er is voor die tijd ook nog wel een ander soort, zeg maar beschaving, maar dat zijn geen menselijke wezens en dat is een heel andere geschiedenis. Als ik daarover moet gaan vertellen dan kom ik nooit aan het einde vanavond. Ik hoop dat dit een voldoende antwoord is. Vraag: Ging daarmee gepaard het eerste schuldgevoel? Antwoord: Nee, het vreemde is dat het schuldgevoel pas optreedt op het ogenblik dat de mens een scheiding gaat maken tussen materie en geest, dat hij de wereld van de geest als het ware niet meer opneemt in zijn eigen gemeenschap - Bijbels gezegd: wandelt met God - maar dat hij meent dat er dingen zijn die hij buiten God om kan of moet doen; dingen, waarin de geest a.u.b. niet gemoeid moet zijn of wel, zoals het in de Bijbel staat in het symbolisch scheppingsverhaal, heengaan en zich verbergen. Op dat ogenblik krijg je het schuldbewustzijn omdat op dit moment de scheiding ontstaat tussen de geest en het verborgene. Zodra het 'ik' zich terugtrekt met dingen in het verborgene, ontstaat daaruit een schuldbewustzijn, vooral wanneer dit in-het-verborgene-ageren nog geen deel is van het cultuurpatroon van de gemeenschap waartoe hij behoort. Vraag: We zouden dat kunnen noemen een 'spiritueel denaturalisme'? Antwoord: Ja, dat is er een heel mooi woord voor, maar sedert ik iemand heb meegemaakt die dacht dat een spiritualist iemand was die leefde van spiritualiën, ben ik voorzichtig met die woorden. Vraag: Is dat bij de Neanderthaler? Antwoord: Dat is nog pre-neanderthal. Vraag: Waar het schuldgevoel optreedt? Antwoord: Dat is nog pre-neanderthal. Vraag: Daarmee begint ook het begrip van de demonen en van de goden? Antwoord: Ja, dat is eigenlijk… Uitgedrukt in sommige voor u nog kenbare tekenen, liggen de begrippen van goden en demonen niet zo ver weg, omdat de voor u kenbare tekenen daarvan niet verder teruggaan als ongeveer 600.000 jaar maximaal. En de tekenen daarvan die u kunt interpreteren, behorende tot een bepaalde tijd, zullen niet veel ouder zijn dan ongeveer 200.000 jaar. 40.000 Jaar geleden begint eigenlijk pas de periode waar u werkelijk iets van de mens weet. Vraag: Hoe is geestelijke medische hulp mogelijk? De mogelijkheid bestaat dat door het contact dat sommige mensen hebben met de Orde, er zich een beeld ontwikkelt, © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 11 een geestelijk beeld, van een paranoïde oftewel vervolgd worden, dat de acties van de Orde niet alleen positief maar ook zeer negatief kan worden uitgelegd. Deze mensen hebben dus psychiatrische hulp nodig. Er zit n.l. één te midden van hier. De moeilijkheid is n.l.(ik zal er niet verder op ingaan) dat je deze mensen niet naar een psychiater kunt sturen, omdat deze überhaupt denkt dat de arts, die degene stuurt naar een psychiater als hij het zelf niet helemaal aan kan, ook knetter is. Nu is dat op zichzelf ook wel relatief, maar het werk van de Orde kan daardoor schade berokkend worden. Begrijpt u wat ik bedoel? Antwoord: Ik begrijp volledig wat u bedoelt. Het ellendige hierbij is dat een bestaande paranoïde reactie of tendens zich kan fixeren op de Orde en ook op dergelijke activiteiten van andere groepen. Reactie: Volmaakt met u eens. Antwoord: En wanneer deze fixatie ontstaat, dan heb je een grote moeilijkheid, want wanneer je zelf ingrijpt (en dat is nu de grote moeilijkheid van ons uit) bevestig je de fixatie en maak je de genezing dus verder onmogelijk. Reactie: Het laatste begrijp ik niet. Antwoord: Nu, dat is heel eenvoudig. Wanneer een dergelijke fixatie ontstaan is en in aanleg 'paranoia' aanwezig is, die enigszins werkzaam begint te worden, dan zal deze achtervolging van de Orde misschien veranderen in een achtervolgd worden door anderen en een toevlucht zoeken naar de Orde. Maar het kenbaar manifest worden van de Orde - dat is de beroerdigheid - bevestigt nu in feite de onevenwichtigheid. Dat houdt in dat niet door een direct optreden geholpen kan worden. Maar dat voert ons wel heel ver van het werk. Ik ga dus terug naar het eerste deel van de vraag. Genezing is in negen van de tien gevallen uiteen te rafelen als een onevenwichtigheid in de mentale status van de mens en daardoor ook een onevenwichtigheid in de materiële status van de mens. Het omgekeerde komt ook voor. Geestelijke genezing is nu altijd gebaseerd op het aanpassen van de psyche van de patiënt en het - via deze psyche - doen ontstaan van psychische werkingen welke fysieke reacties ten gevolge hebben - dus vanuit de geest en eventueel bewustzijnsdelen van het bewustzijnontstane situaties in het lichaam, welke dan de kwaal bestrijden en in vele gevallen ook in staat zijn om bv. een niersteen tot vergruizing te dwingen (ik noem nu maar een van de mogelijkheden) . Het is inderdaad mogelijk om geestelijk te genezen. Daarnaast bestaat onder de naam 'geestelijke genezing' ook nog het geven van adviezen door wat men noemt doktoren uit de geest, elders noemt men het 'Indian scouts'. In dergelijke gevallen wordt naast deze hulp of zelfs geheel op zich staande, een behandelingswijze aangeraden en eventueel een diagnose gegeven. De moeilijkheid daarbij is heel vaak dat een, in de geest gestelde, diagnose moet worden vertaald in de vaktermen waardoor men stoffelijk en medisch aanvaardbaar het ziektebeeld kan omschrijven, terwijl daarbij bovendien vaak met factoren rekening wordt gehouden die niet als symptoom kenbaar zijn of makkelijk erkenbaar zijn, waardoor je bij de wetenschap vaak een afwijzing krijgt van een dergelijke diagnostiek. Dan ten laatste dit: Bij alle geestelijke geneeskunde hebben wij te maken met een middel. Zodra dit een stoffelijk middel is dat geen voldoende eigen achtergronden heeft op dit terrein, dan zijn vergissingen heel goed mogelijk. Ook versprekingen zijn mogelijk. En wanneer je in plaats van een honderdste gram, honderd gram arsenicum voorschrijft, weet u wel wat daar de resultaten van zijn. Receptuur vanuit de geest kan nooit gebruikt worden zonder dat zij materieel gecontroleerd is op haar aanvaardbaarheid en ook t.a.v. de geestelijk gestelde diagnose, zou men zoveel mogelijk althans een materiële controle voor de mogelijkheid van een eventuele aanvaardbaarheid daarvan moeten doorvoeren. Dat lijkt me toch wel het beste. Vraag: Zou u iets kunnen vertellen over de weerklank die het werk van de Orde vindt a) direct bij de mensen in groepen op aarde die zij via media of inspiratie bereikt; b) indirect in het gehele denkpatroon van een volk, een werelddeel en uiteindelijk de mensheid? © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 12 Antwoord: De invloed die men heeft op de groep is in verhouding klein. De wijze waarop men bij de Orde werkt in bijeenkomsten als deze is n.l. gebaseerd op het scheppen van bepaalde grotendeels tot het onderbewustzijn behorende referentiepunten, waardoor een langzame wijziging in het denken van de mens en daarmee vaak ook in diens gedragspatroon en handelwijze tot stand kan worden gebracht. Wat dit betreft achten wij een gemiddeld rendement van één geslaagd geval per honderd toehoorders als een zeer goed resultaat. Wat betreft de beïnvloeding van een volk. We hebben door de jaren heen in Nederland nogal wat werk gedaan en wij menen inderdaad dat nu hier en daar onze denkbeelden ook zijn gaan doorklinken in andere kringen die niet eens meer weten, dat de Orde bestaat misschien, maar die dat via, via hebben meegekregen. Wat wij in feite proberen te doen, is een soort van onderbewuste tendens te leggen in de toehoorders welke voldoende harmonisch is en daarbij nimmer overdreven optimistisch, waardoor zij in staat zijn onder alle omstandigheden iets daarvan mee te geven aan degenen die zij ontmoeten. Het is een soort van positieve infectiemethode. En voordat wij daarmee een werelddeel kunnen beïnvloeden, nou, dat zal nog wel een hele tijd duren. Wij hopen dat voor die tijd de zaak al voor elkaar is. Wat betreft de gehele wereld? Wij vermeten ons niet de gehele wereld te beïnvloeden, maar dat is ook niet nodig, want de gehele wereld wordt - en vaak zeer positief - uiteindelijk beïnvloed door de grote Witte Broederschap en die weten heus wel wat ze doen. Vraag: Begint er in de Sovjet Unie al tekening te komen in uw pogen om het starre materialisme, het rationele denken open te breken? Antwoord: Ja, dat begint er wel in te komen zo hier en daar. Ik zou zeggen dat we het met enkele groepen en kringen o.a. één... o nee, dat mag ik niet zeggen ... daar heel aardige resultaten hebben geboekt. En we hebben het grote voordeel dat we daar op het ogenblik ook bepaalde kringen van intellectuelen kunnen bereiken. Maar ik wil niet zeggen, dat dit openbreken van de mentaliteit alleen via seances plaats kan vinden. Daarom zijn we heel erg blij dat de grotere gemeenschap op het moment ook bezig is om daar wat aan te doen. Het is bv. heel leuk: je hebt Bresjnief, die heeft op het ogenblik de illusie dat hij een tweede Chroetsjef kan worden. Stalin vindt hij schijnbaar toch te erg. Daar zijn weer anderen die het daarmee niet eens zijn en dat brengt een niet-in-balans-zijn tot stand tussen staat, partij en leger en die tegenstellingen zullen waarschijnlijk omwentelingen tot stand brengen, waarbij men gaat proberen de mensen te kopen door ze meer te geven; dat moeten we nu juist hebben. Want, als je de mensen meer gaat geven om ze ergens toe te brengen, gaan ze - vooral in een dergelijk land - zich afvragen waarom ze het tot nu toe nooit gehad hebben. Als ze dan gaan denken, dan staan ze open voor een minder dogmatisch denken. Als ze zelf gaan nadenken, dan ben je een stap verder. Maar u moet niet vergeten dat uiteindelijk Rusland voor negentiende nog steeds een boerenbevolking heeft, en dat het openbreken van de mentaliteit daar heel erg moeilijk is. Gelukkig zijn er sterk religieuze achtergronden op het platteland en op het werk, zodat langs deze kant een te sterk partijdogmatisme voorkomen kan worden. En bij verandering van mentaliteit van de grote industriegebieden zal de boerenbevolking in staat zijn deze mee te maken zonder zich vast te klampen aan de oude partijdogmatiek. Vraag: In hoe verre zal de orthodoxe kerk in de Sovjet Unie nog in staat zijn positief aan een geestelijk reveil daar bij te dragen? Antwoord: Ik geloof niet dat ze deze mogelijkheid als kerk bezit. Wel mogen wij stellen dat in de orthodoxe kerk een aantal, je zou haast zeggen, progressieve elementen actief zijn en een zekere opvoeding tot stand brengen van de gelovigen, maar we delen vaak één nadeel: zoals in Rusland de orthodoxe kerk is, trekt zij hoofdzakelijk ouderen en is het aantal jongeren - wat toch erg belangrijk is bij een dergelijke vorming - in verhouding gering. Ik geloof niet dat zij als geheel veel kan bijdragen omdat haar té sterke binding aan het staatsgezag bij velen, zelfs van de gelovigen, een zeker wantrouwen blijft wekken. Vooral wanneer het gaat om sociale en andere zaken. © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 13 Vraag: In 1875 is door Mevr. H.P.B. Blavatski een eerste stoot gegeven voor o.a. ook uw werk. Dit denk ik zo te mogen opvatten. Ik meen dat zij ook een opgave aan de mensheid heeft gesteld, n.l. om op eigen wijze de waarheid te leren formuleren - dus vanuit het menselijk bewustzijn - zodat er een wisselwerking zou plaatsvinden van krachten van u tot ons en van ons tot u. Kunt u mededelen of zulke wisselwerking vruchtbaar kan zijn? Antwoord: Ja, ik ben er van overtuigd dat zij dit wel is. En misschien is het aardig om op te merken dat Heleentje Blavatski een tamelijk temperamentvolle jongedame was (als u me toestaat om dit op te merken). Dus zelf gekomen is tot veel van hetgeen zij later heeft neergeschreven en veel van hetgeen zij heeft doorgemaakt en beleefd via dingen die direct dingen zijn van wat u spiritisme kunt noemen. Ik geloof dat zij met haar theosofie inderdaad buitengewoon veel heeft gedaan voor de mensheid en wij kunnen bv. ook het werk van een Leadbeater erg bewonderen. Maar Leadbeater is ergens de Paulus van de theosofie. Met hem doet een zekere orthodoxie zijn intrede al. Deze wordt steeds sterker totdat we uiteindelijk tot een theosofisch dogma komen dat met de zuivere - op de inwijding van het 'ik' gerichte lering, die Blavatski in beginsel heeft vast gelegd - vaak nog maar heel weinig van doen heeft. Dat wat de mens doorleeft en doorvoelt, wordt geïnterpreteerd en verklaard op een nogal heerszuchtige wijze. Dat houdt voor mij in, dat, ofschoon in het werk en de stellingen van de theosofie onnoemlijk veel waarden zijn vervat die nuttig zijn, het huidige theosofisch logestelsel niet altijd meer kan worden gerekend tot een progressief geestelijke richting. En wanneer er een wisselwerking is met de geest (zoals met ons b.v.) dan kan dit uitermate nuttig zijn. Maar men is daarvoor juist in theosofische kringen ook vaak weer bang, omdat het contact met de geest in strijd zou komen met de dogmatische instelling. Iets dergelijks vinden we ook bij andere groeperingen, de Rozenkruisers b.v. en ik zou er meer kunnen noemen. Daarom zou ik u willen zeggen, ook in de theosofie, in de werken van Steiner e.d. antroposofie, Heindel, is onnoemlijk veel waardevols aanwezig, mits men het niet dogmatisch leest en leert, maar het beschouwt als een aanwijzing om zichzelf een beeld te vormen van leven en kosmos. Dan zitten in die dingen altijd weer inwijdingswaarden waarvan men gebruik kan maken. Dan kan ook altijd verhelderend werken een contact met de geest - of dat nu van onze groep is of elders - omdat ze er u toe brengt uw eigen besef en standpunt nader en bewuster te definiëren. Vraag: U hebt gesproken over nieuwe incarnaties. Hoe ontstaan deze? Antwoord: Een nieuwe incarnatie? Een wezen heeft vroegere levensvormen gehad hier of elders; is tot een bewustzijn gekomen waarbij hij behoefte heeft aan het vermogen tot manipuleren, herinnering en dus bewust en zelf beschouwend leven en werken, en dan komt hij vanzelf terecht bij de mens als hij in deze buurt zit. Dan komt er een mogelijkheid voor die geest om in de materie te leven, dan zeggen ze; Ha, dat is wat voor mij; wordt mens, vergeet vervolgens haar doel en zegt uiteindelijk dat het meestal tegenvalt; maar ondertussen leert zij. Dus dat is een punt. Vraag: Kunt u iets vertellen over de eerste incarnatie? Waar komt de eerste geest vandaan? Is het woord 'geest' hier goed gebruikt of wordt deze term alleen gebruikt wanneer iemand eerst geleefd heeft en dan reïncarneert. Antwoord: Ja, maar om als mens te incarneren, moet je eerst geleefd hebben. De term 'geest' is dus goed. We spreken over geest zodra de ziel een bewustzijn heeft waardoor ze zich van een begrenzing ten aanzien van het Al en eventueel van verschillen t.a.v. andere begrenzingen en het Al bewust wordt. Zodra dat er is, spreken we van geest. Dat houdt in dat elk dier dat boven het primitieve stadium uitkomt eigenlijk al een geest heeft. Zelfs de verder ontwikkelde plantvormen hebben wat men geest kan noemen. Maar die geest is betrekkelijk onontwikkeld, kan dus nog niet zijn mogelijkheden overzien en heeft ook geen behoefte aan een sterk gedifferentieerde ervaring. Wordt die differentiatie groot genoeg, dan is de mens de eerstvolgende vorm waarin aan de behoefte van ervaring, van leven in feite kan worden voldaan. © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 14 Dan is uw vraag, waar komt alles in het begin vandaan? Uit God, die in Zijn openbaring als zuivere kracht en in materievelden gebonden kracht de werelden van stof en geest mogelijk maakt. En uit de relatie van beide het besef tot stand brengt. Vraag: Het zijn dus eigenlijk twee bepaalde vormen van energie in een bepaalde wisselwerking? Antwoord: Ja, dat zou je dus kunnen zeggen. Want God is dus kracht, maar die kracht komt niet in een vorm tot uiting. Zij is. Zij is onkenbaar in Zichzelf en wordt alleen kenbaar wanneer binnen deze kracht een verschijnsel optreedt. Het tweede is de materie. Die kunt u zien als werveling, stuwing en trilling. Daaruit ontstaat materie in verschillende vormen en daardoor ontstaat de doorkruising van de zuivere kracht, waarbij verschijnselen ontstaan, waarbij energie mogelijk wordt, kenbare energie mogelijk wordt. Daardoor kan dan weer ontstaan: onderscheid erkennen van verschillende waarden. Zodra een afwegen van waarden tegen elkaar mogelijk is, is besef mogelijk. Vraag: Wordt nu - door het niet gebruiken van de pil - de lagere geest sneller gevoerd naar de mens? Antwoord: Dat durf ik niet te zeggen, want dat heeft er niks mee te maken. Het is de eigen mentaliteit van de mens. Dat is heel begrijpelijk. Je hebt mensen die durven in een luxe café niet binnengaan, maar zodra er zaagsel en een paar pruimen op de grond liggen, dan zwerven ze de ene kroeg in en de andere uit. Ze zien eenvoudig de sfeer die hen past en zo is het met een incarnerende geest ook. Een voertuig, dat te fijn besnaard is, daar durft hij niet aan beginnen. En dat voertuig, dat is fijn besnaard en dat is geestelijk veel aanwezig, wanneer de sfeer van de ouders harmonisch en goed is. En als het voertuig dan ook nog alle mogelijkheden belooft, dan trekt dat vanzelf ook een hogere geest aan. Anders gezegd: hoe minder harmonisch en bewust de mens leeft, hoe groter de attractie zal worden voor een lagere incarnatie. Het spijt me, ik kan hier met de pil niets doen. Vraag: Zijn zo weinig mensen mediamiek, dat de geest zich soms van een idioot moet bedienen? Antwoord: Ja, u brengt me bijna tot het hatelijke. Ik zou zeggen, er zijn zoveel idioten dat het soms moeilijk is om een mens te vinden. Nee, het is zo: om een goed mediumschap te hebben, dat is niet bezetenheid. Dat is ook een vorm van mediumschap eigenlijk. Maar voor een goed mediumschap is nodig een zekere harmonie tussen mens en geest, een erkenning van de geest door de mens en een zekere openheid van de mens voor de geest. De meeste mensen hebben in meerdere of mindere mate wel eigenschappen die je mediamiek zou kunnen noemen, maar ze zijn er bang voor, ze kunnen ze niet aanvaarden. Voor de één is dat een psychologisch blok, voor de ander is dat iets wat men maatschappelijk niet zou kunnen aanvaarden; voor de derde komt de godsdienst er bij te pas, waardoor men het afwijst en zo onderdrukken de meeste mensen die kwaliteiten. Juist in een gemeenschap als bv. die van de Middeleeuwen, waarin aan de ene kant het leven uitbundig materialistisch was en aan de andere kant bijna even hysterisch uitbundig vroom, was het heel erg moeilijk iemand te vinden die de geest kon aanvaarden zonder daar direct een demonie van te maken. Dan kwam je vanzelf bij een idioot terecht omdat die niet begreep wat de anderen bedoelden met hun geregeld materialistisch bestaan, met hun godsdienstige bekrompenheid. Hij stond er net buiten en daardoor was hij in vele gevallen de aanvaardbare persoon. Tussen twee haakjes, dat is wel meer gebeurd, ook in het verleden, en daarom vind je nu nog vaak bij primitieve volkeren een buitengewone eerbied voor krankzinnigen en idioten. Dat is een kleine historische toegift. Vraag: Kunt u wat vertellen van de stadia die de geest moet doorlopen (met of zonder hulp) na het verlaten van het dode lichaam? Welke reïncarneren en welke komen zo ver, dat zij, al naar hun geaardheid, zich bij een groep kunnen aansluiten? © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 15 Antwoord: Nu, laat ik u een illusie wegnemen. Het feit dat u zich in de geest bij een groep kan aansluiten, houdt nog niet in dat u niet zult incarneren. Dat geldt ook voor ons. Ik hoop, dat ik er overheen ben. We zullen zien of het waar is. Het is zo: Op het ogenblik dat men na de overgang van zichzelf bewust wordt, leeft men in een wereld. Die wereld wordt (99 op de 100) door eigen voorstellingsvermogen bepaald. Alle werkelijke waarden worden geïnterpreteerd. Doordat het interpretatievermogen van het 'ik' beperkt is, komt er een ogenblik dat men of wel moet leren een nieuwe erkenning en uitgebreider interpretatie te vinden voor het bestaande - men noemt dit een verhoging in sfeer - ofwel daartoe niet in staat zijnde, wordt de wereld suf, saai en dof. Het is een soort van sterven, een wegvallen eigenlijk van de vreugde van leven, en deze beweegt dan te zoeken naar een wereld waarin die vreugde wel mogelijk is, of waarin de ontbrekende interpretatiemogelijkheden door ervaring kunnen worden aangevuld. Daaruit resulteert dan de incarnatie in de materie. Vraag: Dus het streven naar een maximum entropie? Antwoord: Nou, ik geloof niet dat u dit entropie moet noemen. Entropie is uiteindelijk ophouden van de beweging en zover ik mij bewust ben van die dingen, streeft men niet naar een feitelijke entropie, maar men streeft naar een zodanig begrijpen van het totaal bestaande, dat alleen het richten naar het totaalbestaande van eigen bewustzijn en het besef daarvan, een zodanige oneindigheid van mogelijkheden geeft, dat het 'ik', in zich niet meer als ik-heid actief door zijn besef van een harmonie met de delen van het totaalbesefte, kan komen tot een verbondenheid met de totaliteit, die gelijktijdig de totaliteit uitdrukt binnen elk deel van die totaliteit waarop het zich richt. Vraag: U streeft wel naar die ordeverhoging, u bant de wanorde, dus entropie verhoogt? Antwoord: Nee, wij bannen niet de wanorde, want waar de vrijheid bestaat tot innerlijk richten naar eigen zijn en besef, is er in feite een anarchistische situatie ontstaan geheel volgens eigen inzicht en neiging, dat is dus weer anarchistisch. Maar omdat deze anarchie berust op een totaal erkennen van harmonie, zal de werking van het anarchistische totaal harmonisch zijn, waarbij het element 'strijd' niet meer voorkomt in de vorm van geweld en gewelddadige strijd, maar slechts in een erkenning en in een bijna speels afwegen van waarden. Ik zou dus niet willen zeggen entropie. En u vroeg naar een eenvoudig voorbeeld. Laat ik u een heel eenvoudig voorbeeld geven. Mensen die aan hun eigen werkelijkheid willen ontvluchten, gaan naar een bioscoop. Stel je voor, dat je in plaats van alleen met te kijken zou kunnen leven in elke scène die daar gespeeld wordt. Dan zou je door willekeurige films te bezoeken alles kunnen beleven wat je zou willen en toch de erkenning hebben van wat je zelf bent. Dit is de vorm van leven vanuit de harmonie. Het beeld is veel te eenvoudig, maar het geeft misschien een klein idee van hetgeen ik met mijn formulering bedoel. Vraag: U sprak over de geest die in de duisternis verkeerde en dan geholpen zou kunnen worden. Hoe hebt u dat bedoeld? Antwoord: Dat is heel eenvoudig. Mag ik een gelijkenis gebruiken? Een dokter moest een patiënt bezoeken in Londen, het was er ontzettend mistig. Er kon geen taxi rijden, niets kon meer. De enige die hem helpen kon was een blinde. Mensen die gewend zijn aan begrippen en waardebepalingen zoals op aarde en daarvan geen afstand kunnen doen, die vaste waarden willen zien alleen en niet begrijpen hoe zijzelf eigenlijk het beeld van hun wereld scheppen in de geest, leven in een wereld van waan, maar gelijktijdig van mist, van nevel, omdat zij niet in staat zijn hun eigen beeld concreet uit te drukken, maar alleen een verlangen hebben naar concrete beelden die van buiten hen komen. Dat kunt u volgen? Nu komt er iemand die in de geest leeft, die gewend is om te leven in die eigen waarden. Hij heeft geen behoefte aan het concrete en kan harmonisch worden met die ander, hem geleiden door zijn duisternis, naar een concretisering van bepaalde van zijn eigen denkbeelden, waardoor hij komt in een wereld die hij erkennen kan en waarin hij weer gerichtheid kan © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 16 ervaren. Pas in die wereld kan hij een ontmoeting accepteren buiten de gelijkheid van verdoold zijn. Wanneer je dat doet dan probeer je in harmonie te komen met degeen die in het duister is, tracht de positieve waarden ten aanzien van het geestelijk bestaan in die mens zodanig te stimuleren dat u deze met hem kunt delen. U suppleert dan uit uw eigen vermogen aanvullende impulsen zodat hij in staat is zijn gefixeerde wereld van duister of zijn nevels, ongevormde wereld van duister te verlaten en daarin nieuwe elementen te aanvaarden. Hierdoor gaat hij zichzelf anders zien en staat hij meer open voor de krachten die tot het werkelijke licht behoren, maar niet direct meer voor hem bepaald zijn. Vraag: Welke overgeganen uiten zich dan min of meer tegen of uiten zich via een medium? Antwoord: Dat zijn aardgebondenen: die doen dat natuurlijk nogal graag. Dan zijn er verder degenen die in een duistere wereld behoren omdat zij een rigide structuur van eigen wereld hebben geprojecteerd in een wereld na de dood, meestal nogal duister en glansloos, waarin zij bestaan, die zij soms met enkele anderen delen en daarnaast elke geest die zich bewust is van de mens en van het licht in de mens. Zodra je n.l. van bepaalde waarden in de mens bewust bent, kun je daarmee in harmonie komen. Is zo'n harmonie aanwezig, een zeker rapport, dan is uiting door of aan die mens meestal wel mogelijk. Maar voor de lagere vormen is het wel hoofdzakelijk een harmonie waarbij de mens in wezen harmonisch moet zijn met het we- reldbeeld waarin de andere leeft op een of andere manier, hetzij door lust of door andere dingen, waardoor op basis van die harmonie het wereldbeeld van de geest in het duister geprojecteerd kan worden aan wat dan het medium is, en dan via dit medium tot uiting kan worden gebracht. Vraag: Is het mogelijk dat na de tweede periode die u noemde, tussen in de buurt van '86-'87 de geest van Mohammed of van Boeddha weer reïncarneert? Antwoord: Ik denk dat er iets later dan de door u genoemde periode een heel groot en heel lichtend Wezen hier op aarde geïncarneerd leeft. Er zijn er nu al een paar geweest en de voorbereidselen zijn zodanig, dat je aan moet nemen dat zeg ± 2020-2030, dat die volledige openbaring er wel weer zal zijn. Voor die tijd moet er echter een soort religieuze en ethisch en occult reveil plaatsvinden en daaraan wordt op het ogenblik heel hard gewerkt en wel vooral via het oosten. Dat heeft ook wel voordelen want we krijgen tegen '90 ongeveer een soort Mongolenstorm. Dan gaat China een groot deel van Rusland en waarschijnlijk ook nog andere landen in Europa bezetten, de z.g. rode vloed. Dan worden daardoor bepaalde beelden uit de Oriënt veel sterker in het Kaukasische ras verankerd. Die storm vloeit weer terug, het is geen blijvend iets, het is een soort blitz. Alleen Moskou wordt helemaal vernietigd o.m. Kroonstad ook, alleen Leningrad blijft voor een deel staan. Er zijn nog een heel aantal steden die wel blijven staan. Vraag: Komen ze niet hier? Antwoord: Nou ik denk niet dat ze zo ver komen, maar als u me dat nu vraagt, dat durf ik nu werkelijk niet met zekerheid te zeggen op het ogenblik, dan zou ik het helemaal na moeten gaan. Ik denk waarschijnlijk komen ze nog niet eens helemaal tot Oost-Duitsland, maar in de buurt van die grenzen zullen ze wel rond blijven spoken. Trouwens het is helemaal niet zo erg als u denkt, want tegen die tijd zijn ze wel uitgewoed. Dan komen veel elementen uit Azië naar Europa toe en die mongolenstorm gaat ook zelfs naar Afrika voor een deel. Ook daar worden ze deels teruggeslagen. Azië houden ze een paar stukken en dan kunnen we zeggen, dat leringen die nu daar op dit moment actief zijn, dat die praktisch over de gehele wereld verbreid worden en bekend worden. Dat wel ja. Ik heb niet zo gek veel tijd meer geloof ik. Reactie: Ik sta op het punt om aan de bel te trekken. Antwoord: Ja, dat dacht ik al. Ik denk, laat ik hem even voor zijn. Ik wil nog maximaal één vraag beantwoorden en dan gaan we sluiten. © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 17 Vraag: Is reïncarnatie een wet? Antwoord: Reïncarnatie is de uitdrukking van de wet dat elk bewustzijn, dat behaald moet worden, gebaseerd is op ervaring en een gebrek aan ervaring, het bereiken van een volgende bewustzijnsgraad onmogelijk maakt. Als zodanig is het een wet. Maar het betekent niet dat iedereen zonder meer hoeft te reïncarneren en het betekent ook niet dat incarnaties in vaste periodes zijn vastgesteld. Het betekent, dat incarnatie in wezen een vrijwillige zaak is op dezelfde manier waarop u vrijwillig eet. U zou ook honger kunnen lijden, maar u brengt uzelf niet daartoe. Voor vandaag scheid ik er mee uit. Ik moet nog gaan sluiten. Het schone woord, weten de meesten wat dat is? Een improvisatie; hebt u een paar woorden daarvoor om het op te baseren? Reactie: Wijsheid, eerlijkheid, reïncarnatie en liefde. HET SCHONE WOORD Wat ben je zonder liefde waard? Geen cent, niet in de hemel niet op aard. Dan ben je slechts ellendeling zoals je altijd bent. Dat is niet van mij. Laten we het zo zeggen, wanneer men in zich het weten, het inzicht vergaart waardoor de liefde mogelijk wordt tot al-het-zijnde, is reïncarnatie niet noodzakelijk omdat het totaalbesef in de totale liefde de eenheid met het Al veroorzaakt. Is dat goed? Dan zeggen we dat. Gij met uw weten zijt niet wijs Want wijsheid is begrijpen van feiten meer dan kennen slechts daarvan zijt gij gevangen in de ban van wat gij noemt het nuchter feit, ontbeert gij het inzicht in een eeuwigheid En kunt gij niet verstaan hoe uit de veelheid van de dingen Die tezaam waan en werkelijkheid geworden zijn voor u een eeuwig nu, steeds weer zichzelve manifesteert. Doch zo gij leert het onbeperkte in al opnieuw steeds weer te zien En te beseffen hoe in het leven Alles duizendmaal geschreven staat in steeds hetzelfde schrift. Dan leert gij leven en bemint gij wat het leven is. Want zijt gij niet een deel daarvan, En kunt gij zonder liefde voortbestaan, uzelve nog aanvaarden? De waarden van de eeuwigheid, de waarden van de het leed dat gij nog ondergaat Maar of gij u verheugt of lijdt, steeds weer spreekt in het Al dezelfde eeuwigheid, hetzelfde leven en het leven dat er is, bemint gij zonder eind. En zo daarin uw zijn verdwijnt met al wat leeft en al wat is En in u zal ontstaan het erkennen van het leven ook in alle kracht En alle machten samen uitgedrukt Gij zult u gaan gewennen om een te zijn met 't Al en toch uzelf in al als een. Zo zijt ge dan misschien alleen, Maar het Al spreekt nog in u En tijd, tijd is misschien de maatstaf waarmee ge nog uw leven meet, Maar het eeuwigdurend nu is een bestaan, waarin gij al, desnoods de tijd vergeet. Dan hebt gij waarlijk, gij gaat de eenheid van het zijn beseffen En kunt u verheffen boven leed en pijn En zelfs uw vreugd is niet meer 'n Ik ervaren, Maar het waren van een levenskracht in u erkend als harmonie Die zich in al weer openbaart, zich tot het zijnde wendt © Orde der Verdraagzamen Kring Hilversum 18 En uit het zijnde put. Gij zijt dan nog niet een met God, Maar gij erkent hoe buiten lot en tijd in eeuwigheid al het zijnde is vereend. Gij verheugt u om te zijn Dan is uiteindelijk gebroken de keten van het steeds hernieuwd bestaan. De waan waaruit ge steeds opnieuw als mens weer incarneert Of steeds weer meent, dat slechts materie of slechts de geest u leert wat waarheid is. Versmolten is het al En daar waar stof en geest tot eenheid zijn gekomen Daar staakt het ik zijn dromen en ziet zijn werkelijkheid En ziet, het is een vreugde en kracht nu zonder eind Omdat de vreugde voortbestaat en het leed, dat men soms ondergaat slechts alle vreugde onderlijnt. Wat is en voor u is geweest, zal nimmer meer vergaan Het goede blijft bestaan. En wat gij duister noemt is slechts de kracht die ons de waarde van het goede doet erkennen En zó aan het zijn nog inhoud geeft. Dat is zo'n beetje wat ik daar uit kan distilleren. Een beetje filosofie van de Orde ook meteen daarbij. Zo'n klein lepeltje mag wel. En als ik u nu een raad mag geven, dus ook voor de komende tijden, is dat misschien wel goed. Wind je nooit op, het helpt zo weinig, maar verheug je over alle kleine dingen, dan vind je de kracht om de grote dingen, die niet zo vreugdig zijn, ten goede te keren. Want het is beter uit lijden vreugd te maken één keer, dan duizend jaar geluk te kennen waarin je zelf geen werkelijk deel hebt gehad. Zult u daaraan denken in de komende tijd? Dus moed houden, zet 'm op, maak je niet druk! Er is vreugde, er is positieve kracht. Neem die en laat al het negatieve achter. Probeer het beetje goed en het beetje licht en het beetje vreugde, dat je hebt, te maken tot de drijfveer in deze dagen en je zult zien dat in een tijd, die op zich nogal wat verwarringen brengt, allemaal kunt zeggen; Ja, het was eigenlijk een heel goede tijd. Dat hoop ik voor jullie allemaal. Goeden nacht, welterusten, goede huisgang. Precies zoals ik het voor eenieder van u zeggen moet; Het was mij een plezier bij u te zijn. Ik waag het te hopen dat het althans voor sommigen wederkerig was. Goeden avond.